Komen studenten hun bed nog wel uit als de hoorcolleges op internet staan?
 
Reageer

Lekker uitslapen en weblectures kijken. Of toch naar college gaan?

Door het groeiende aanbod aan weblectures slaan meer studenten hoorcolleges over. “De vraag is of dat erg is.”

Pak ik om 07.53 uur de trein voor het hoorcollege dat om 09.00 uur begint? Of blijf ik nog even in bed liggen en bekijk ik het hoorcollege een paar dagen later terug op internet?

Voor dat soort dilemma’s komen studenten steeds meer te staan nu het aanbod aan opgenomen hoorcolleges groeit. Sommige Utrechtse opleidingen nemen al meer dan de helft van de hoorcolleges op. Die worden aangeboden op Lecturenet, een website waarop studenten videobeelden van het college met de bijbehorende Powerpoint-presentatie kunnen terugkijken.

Weblectures zijn voor studenten enorm handig. Je hoeft bij college niet haastig mee te schrijven uit angst om dingen te missen. En heb je een hoorcollege niet helemaal begrepen? Dan kun je dat college voor de toets nog eens terugkijken en het college pauzeren of terugspoelen. Bovendien zijn weblectures een uitkomst als je een keer je bed niet uit kunt komen, of als je ziek bent. Dan is er altijd nog de ‘Uitzending Gemist’ van je opleiding.

Toch is er onder docenten de nodige scepsis over het integraal aanbieden van hoorcolleges. Willen we studenten wel in de verleiding brengen om een college over te slaan? Het contact tussen docenten en studenten, en tussen studenten onderling op de campus is toch juist enorm waardevol?

Onlangs maakte de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit in Amsterdam bekend dat het stopt met het aanbieden van zogeheten slidecasts, Powerpoint-presentaties van het college met de stem van de docent erbij. De reden? “Wij willen dat studenten naar de colleges komen.

Ook in Utrecht neemt de opkomst af zodra een hoorcollege online wordt aangeboden, vertelt Marian van Gestel, onderwijsdirecteur van de bacheloropleiding Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht. “Bij cursussen die het aanbieden, zitten minder studenten in de zaal. De vraag is alleen of dat erg is. Je kunt ook denken: prima, zo blijven alleen de echt gemotiveerde studenten over.”

Onder docenten wordt er heel verschillend gedacht over het aanbieden van weblectures. Van Gestel: “Sommige docenten willen niet dat hun colleges worden opgenomen, omdat ze willen dat studenten naar de campus komen. Sommigen kiezen er voor om colleges wel op te nemen om ze vervolgens pas aan het eind van het blok, vlak voor het tentamen, beschikbaar te maken. We zoeken elke keer naar een geschikte verdeling van de stof over weblectures en hoorcolleges. Zo zijn kennisoverdracht, verduidelijking, schematisering wellicht geschikt voor weblectures. Als het gaat om meningsvorming, verdieping is interactie meer van belang en dan is aanwezigheid gewenst.”

De opleiding Biologie heeft binnen de Universiteit Utrecht het grootste aanbod aan weblectures. Bij circa 75 procent van de cursussen zijn de colleges integraal terug te kijken. Bij sommige curssussen heeft dat geleid tot een lagere opkomst. Sommige docenten maken zich daar zorgen om: studenten kunnen bij afwezigheid immers geen vragen stellen, of aangeven dat ze iets niet snappen. De interactie ontbreekt.

Toch denkt Elly Langewis, die biologiedocenten ondersteunt bij het opnemen van colleges, dat de baten van online colleges zwaarder wegen dan de lasten. “Voor de studenten die wél naar de campus komen, zijn de opnames erg nuttig. Ze kunnen de colleges nog een keer terugkijken, en waar nodig hun aantekeningen aanvullen.”

En de thuisblijvers, missen die niet de mogelijkheid tot interactie? Langewis: “Dat valt denk ik wel mee. De hoeveelheid interactie tijdens colleges blijft meestal heel beperkt, zeker bij de massale eerstejaarscolleges.”

Wat vinden studenten van het aanbod van weblectures? Bekijk het in onderstaand filmpje.