Reageer
afbeelding van Joop  Schippers

Ook social sciences maakt de UU goed

In de beeldvorming dankt de UU zijn toppositie aan de Life sciences. Maar ook Social sciences scoort goed, vinden Rebo onderzoeksdirecteur Charles van Marrewijk en hoogleraar en universiteitsraadslid Joop Schippers.

Welke ranglijst je ook hanteert, steevast neemt de Universiteit Utrecht van alle Nederlandse universiteiten de hoogste positie in. Dat is een prettige positie, die we moeten koesteren. Het is ook een positie waarvoor geldt: adeldom verplicht. We staan aan de top en we willen er ook blijven. Dat roept de vraag op wat precies maakt dat de Universiteit Utrecht zo goed scoort en wat we dus moeten koesteren om dat zo te houden. In de beeldvorming binnen en buiten de UU liggen onze sterke punten vooral binnen de 'life sciences'. Op dat terrein is de UU in staat externe partners te interesseren om zich op het Science park te vestigen. Ook stond ‘life sciences’ van het begin af aan buiten kijf toen het ging om het aanduiden van strategische speerpunten, terwijl andere speerpunten niet die ‘macht van de vanzelfsprekendheid’ kenden. Die beeldvorming klopt. In verschillende ranglijsten komen de Utrechtse ‘life sciences’ op de 10e (THE*) of 11e (HEEACT*) plaats in Europa uit. In de ARWU* gaat het om plaats 20-31; het label is dan ‘Life and Agricultural sciences’. Dat zijn dus uitstekende scores. Als geheel neemt de UU in Europa plaats 9 (HEEACT), 18 (THE) en 12 (ARWU) in. Dat is in twee van de drie ranglijsten zelfs hoger dan de positie van ‘life sciences’. Die hogere positie wordt mede bewerkstelligd door de hoge score van de Utrechtse ‘social sciences’. In de HEEACT nemen deze Europees gezien een 5e plaats in en in de ARWU zijn ze goed voor plaats 8-16. Dat zijn dus ook uitstekende scores. De THE laat de ‘social sciences’ overigens buiten beschouwing. Los van discussie over weging en massa kun je dus concluderen dat de UU ook op dit terrein een sterke positie inneemt, ook al is die wellicht in de dagelijkse praktijk wat minder zichtbaar dan die van de ‘life sciences’.

Het is dan ook beslist een verstandige keuze te noemen dat de Universiteit Utrecht in haar profilering gekozen heeft voor vier strategische speerpunten waarin ook volop ruimte is voor de ‘social sciences’ en zich niet alleen een bèta-medisch profiel heeft aangemeten. Juist de combinatie van inzichten vanuit verschillende disciplines (alfa, bèta en gamma) zou de UU als brede universiteit optimaal moeten voorbereiden op een toekomst waarin wetenschappelijke en maatschappelijke vragen zich steeds minder vanuit één disciplinair perspectief laten beantwoorden, maar steeds vaker zelfs de grenzen van de traditionele indeling van de wetenschap in alfa-, bèta- en gammawetenschappen overschrijdt. In de combinatie ligt onze kracht. De ‘social sciences’ kunnen daarbij een belangrijke rol spelen, maar moeten misschien nog wat meer doen aan hun interne en externe zichtbaarheid.

* THE = Times Higher education ranking; ARWU = Academic ranking of World Universities; HEEACT = Higher Education Evaluation and Accreditation Council of Taiwan ranking

© 2014