Dit is een aflevering in de serie Uitgeperst die handelt over de soms complexe relatie tussen wetenschap en media

 
Reageer

Nachtmerrie is mediatrekker

Van Viva tot Trouw en van De Avonden tot Koffietijd. Vrijwel elk medium wil ‘m graag hebben en als hij zelf nu niet even op de rem had getrapt omdat hij vrijdag promoveert, had hij deze week elke dag wel een mediaoptreden kunnen hebben. Een voordeel is wel dat proefpersonen zich bij bosjes aanmelden.

Het is het onderwerp, denkt promovendus Jaap Lancee (31). Aan nachtmerries en slapeloosheid willen de media graag aandacht besteden. Dat begon in 2007. “Ik stond aan het begin van mijn onderzoek over nachtmerries en had daarover een persbericht laten uitgaan. Alle kranten en verschillende radioprogramma’s besteedden aandacht aan mijn onderzoek.

 “In januari 2009 verstuurde ik weer een persbericht. Toen onderzocht ik slapeloosheid, want mensen die nachtmerries hebben ontwikkelen vaak ook slapeloosheid. Behalve alle kranten wisten ook bijna alle damesbladen mij toen te vinden. Ik ging op die interviewverzoeken in, omdat ik nog heel veel mensen nodig had voor mijn onderzoek. In maart had ik 1200 aanmeldingen binnen van wie 600 mensen geschikt bleken voor mijn onderzoek.”

Koffietijd

En nu hij zijn onderzoek naar een zelfhulpmethode bij nachtmerries en slapeloosheid heeft afgerond, promoveert hij en weten de media hem weer te vinden. “Het is dat ik een afspraak had voor opnames met EenVandaag, anders had ik in Koffietijd gezeten”, zegt hij. “Omdat ik het fysiek niet redde, vroeg Koffietijd nog wel of ik niet eventjes telefonisch wat vragen wilde beantwoorden, maar dat zag ik niet zitten. Ten eerste wil ik wel de tijd nemen om mijn onderzoek goed toe te lichten, ten tweede was ik ook wel wat nerveus voor de televisieopnames van EenVandaag.”

Hij snapt wel waarom zijn onderzoek zo veel aandacht genereert. “Heel veel mensen hebben last van slapeloosheid en er zijn relatief weinig psychologen die goed geschoold zijn om dit vlak. Daarbij stappen mensen die last van slapeloosheid hebben niet snel naar een psycholoog. Dat vinden ze vaak net een stap te ver. Een zelfhulpmethode lijkt daarom een goede oplossing voor een grote groep mensen.”

Riedel

Ondertussen kan hij voor de verschillende media zijn onderzoek gemakkelijk verwoorden. De een krijgt een kort door de bocht conclusie, de ander een zeer wetenschappelijk verantwoorde samenvatting. “Dat is het voordeel van media-ervaring: ik heb een aardige riedel paraat.”

Zoals te verwachten, bereidt het ene medium zich beter voor op het interview dan het andere. Het meest persoonlijk – en dat is eigenlijk ook geen verrassing - zijn de verslaggevers van de damesbladen. “Die willen altijd graag weten of ik ook nachtmerries heb en zo ja of dat dan de reden is waarom ik juist voor dit onderzoek heb gekozen. Ze zijn heel persoonlijk. Een krant als Trouw focust zich meer op de inhoud van het onderzoek.”

Radio

Het leukste medium vindt hij de radio. “Als het live is. Je kunt van te voren bedenken wat je wilt gaan zeggen en dan doe je je verhaal. Ze kunnen er niet in knippen. Bovendien hoef je niet op te letten hoe je er uit ziet en hoe je er bij zit zoals op televisie. Wat dat betreft is een geschreven medium ook fijn. Kijk ik kan gewoon met mijn hoofd op mijn arm leunen en met jou praten. Dat kan voor tv niet. Wat wel jammer is van geschreven media, is dat ik het voor publicatie wil lezen. Dat kost dan weer tijd.”

Postpromotie

Na zijn promotie op vrijdag 15 april gaat hij weer in volle vaart verder met het onderzoek waarvoor hij enige tijd geleden financiële steun van het Fonds Psychische Gezondheid en het Innovatiefonds Zorgverzekeraars heeft weten binnen te halen. “Als postdoc ga ik onderzoek doen naar de toegevoegde waarde van ondersteuning van een therapeut bij zelfhulp voor slapeloosheid. Daarnaast blijf ik een dag als psycholoog werken in het Ambulatorium.”

In de toekomst zal Lancee ongetwijfeld weer zijn opwachting maken in de pers, want daar staat hij nu bekend als slaapexpert. Zo vroeg de Telegraaf hem in februari 2010 wat het met de mens doet als hij midden in de nacht naar de Olympische Winterspelen kijkt en de volgende ochtend gewoon aan het werk moet. Dat type vragen zijn in 2016 weer van belang, want dan zijn de Zomerspelen in Brazilië. 

Gwenda Knobel 

© 2014