Dit is een aflevering in de serie Uitgeperst die handelt over de soms complexe relatie tussen wetenschap en media

 
Reageer

Voorpaginanieuws als katalysator

Een onderzoek dat een nadruk op maatschappelijk relevant onderzoek enerzijds en publicatiedruk anderzijds aan de kaak stelt en daarmee de publiciteit haalt. Een opvallende combinatie die ten beurt valt aan Laurens Hessels. Hoe groot was de druk om zijn onderzoek in de populaire media gepubliceerd te krijgen?

“Ik heb totaal geen druk gevoeld”, zegt chemicus en wetenschapsfilosoof Laurens Hessels die zijn proefschrift schreef toen hij werkte bij de onderzoeksgroep Innovatiewetenschappen van de faculteit Geowetenschappen. “Het was mijn persoonlijke ambitie om met mijn onderzoek naar buiten te treden. Zelf had ik de afgelopen jaren al veel nagedacht over de relevantie van mijn eigen werk. Toen ik begon met mijn onderzoek wist ik al dat het onderwerp actueel en belangrijk was. Het was een onderwerp waar collega’s wereldwijd mee worstelden.”

Zijn onderzoek gaat in op de druk die subsidieverstrekkers leggen op onderzoekers om zich vooral bezig te houden met maatschappelijk relevante onderwerpen. Daarbij ging hij in op de gevolgen van het tellen van publicaties en citaties in wetenschappelijke tijdschriften waarmee in de jaren tachtig was begonnen om het belang van een onderzoek te onderstrepen. “De pers heeft vooral dit laatste onderwerp er uit gelicht.”

Hessels: “Journalisten kijken naar de nieuwswaarde in je proefschrift. De publicatiedruk was in mijn ogen een klein onderdeel in mijn veel grotere onderzoek. Maar ik ben best tevreden over de accenten die de pers heeft gelegd. Zij hebben mij geholpen een spannende boodschap te onderstrepen.”

Via persvoorlichting werd de Volkskrant attent gemaakt op zijn onderzoek en het NRC belde uit eigen beweging op, daarnaast had hij zelf een opinie geschreven voor het Financieel Dagblad. “De Volkskrant werd eigenlijk rechts ingehaald door het NRC, want die besloot eerder tot publicatie over te gaan. Tot mijn verrassing stond ik ineens op de voorpagina en toen was de belangstelling van de pers gewekt.” Hoewel hij zelf heel blij is met de persaandacht, stellen zijn collega’s meer prijs op de publicaties van zijn onderzoek in de wetenschappelijke bladen. “Ook op dat vlak heeft mijn onderzoek het goed gedaan”, lacht hij.

Sinds september vorig jaar werkt Hessels bij het Rathenau Instituut in Den Haag dat onder meer de politiek informeert. “Ik heb een open sollicitatie geschreven, want ik wilde daar graag werken. Het werk dat het instituut doet, past bij mijn interesses en onderzoek. In november ben ik gepromoveerd. Alle publicaties hebben voor een mooie entree gezorgd en ik ben nu op ‘ tournee’. Ik word op verschillende plekken uitgenodigd om lezingen of gastcolleges te geven. Zo heb ik ook heb een lezing gehouden voor het ministerie van OCW. Ik hoop dat ook het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie mij uitnodigt, want hen wil ik misschien nog wel meer op de hoogte stellen van mijn onderzoeksresultaten.”

Gwenda Knobel

© 2014