Reageer

“Universiteit net zo pervers als kabinet”

Het universiteitsbestuur wil faculteiten alleen nog maar geld geven voor studenten die minder dan een jaar studievertraging hebben. Universiteitsraadsleden verzetten zich deze week tegen dat voornemen. Zij vinden dat het college van bestuur zich schuldig maakt aan dezelfde “perverse” denkwijze als het kabinet.

In een notitie stelt het CvB voor enkele wijzigingen aan te brengen in het universitaire verdeelmodel. Op basis van dat model wordt een flink deel van het geld dat de universiteit krijgt van de overheid verdeeld onder faculteiten.

Het universiteitsbestuur wil faculteiten niet langer geld geven voor studenten die na afronding van een opleiding een tweede studie doen. Ook voor studenten die meer dan een jaar te lang over hun studie doen –de zogenoemde langstudeerders– ontvangen faculteiten straks geen bekostiging meer. Op dit moment krijgen opleidingen nog wel betaald voor de studiepunten die deze studenten bij hun vakken behalen.

Vooral de laatste verandering schiet bij enkele leden van de financiële commissie van de universiteitraad in het verkeerde keelgat, zo bleek deze week. Zij wierpen collegelid Amman voor dat hij precies doet wat hij staatssecretaris Zijlstra verwijt.

Kanteling
Het Utrechtse college van bestuur protesteerde in Den Haag nog tegen een korting op de rijksbijdrage voor studenten die te lang studeren, maar stelt nu zelf voor faculteiten alleen te betalen voor vlot studerende studenten, zo verbazen de raadsleden zich. Raadslid Fred Toppen: “Opeens gaat ook het college van bestuur uit van de gedachte dat opleidingen en docenten er zelf voor kunnen zorgen dat studenten hun punten halen. Waarom deze kanteling?”

Studenten in de commissie vulden aan dat een dergelijke prikkel bovendien overbodig was gezien het feit dat het college van bestuur in zijn wijzigingsplannen ook al voorstelt om het halen van diploma’s van groter financieel belang te maken.

Collegelid Hans Amman benadrukte dat zes jaar geleden al met de universiteitsraad is afgesproken dat het universitaire verdeelmodel zo veel mogelijk aansluit bij het landelijke model dat de verdeling van de middelen voor hoger onderwijs onder de 14 universiteiten regelt. “Als je de interne financiering te veel loskoppelt van de externe financiering loop je op termijn grote risico’s.”

In dat licht vond Amman dat het CvB nog coulant is geweest voor de faculteiten. Aanvankelijk wilde het college alleen de studenten bekostigen die nog in hun nominale studieduur van drie jaar bachelor of een of twee jaar master zaten. Vanuit Den Haag krijgt de UU immers ook slechts geld voor die studenten. “Na overleg met de decanen van de faculteiten staan we nu een kleine mismatch toe, we willen niet kinderachtig zijn.”

Amman wees er bovendien op dat hard wordt gewerkt aan maatregelen om het studierendement van studenten te verhogen. Zo begint de faculteit Geesteswetenschappen in september met een verhoogd bindend studieadvies. De rest van de universiteit volgt waarschijnlijk een jaar later.

Morele verplichting
Fred Toppen was niet overtuigd. Hij bleef bij het standpunt dat het college alle behaalde studiepunten in het verdeelmodel zou kunnen meenemen. Wat maakt het voor de universiteit precies uit of een bachelorstudent zijn studiepunten nu in zijn derde of vijfde jaar haalt, zo vroeg hij zich af. De inspanning van de docent en de opleiding blijft hetzelfde. Den Haag betaalt bovendien gewoon voor drie jaar inschrijving waarin studenten in principe 180 studiepunten kunnen halen.

Collegelid Amman was het daar niet mee eens. “Buiten het feit dat ik ook een morele verplichting voel om studenten in een redelijke tijd te laten afstuderen, kosten de studenten die er langer over doen ons gewoon geld als ze gebruik maken van faciliteiten of bijvoorbeeld langer aan een scriptie werken.” Daarnaast wees Amman erop dat sommige faculteiten meer langstudeerders hebben dan anderen en daardoor relatief voordeel zouden hebben van een financiering "tot in het oneindige".

De bedoeling is dat de wijzigingen in 2011 budgettair neutraal worden ingevoerd. De werkelijke effecten zullen pas een jaar later zichtbaar worden. Het college van bestuur beloofde de raad op korte termijn een indicatie te geven van het aantal studenten dat nominaal studeert of niet nominaal studeert. Daarvoor zijn nog DUO-gegevens nodig die duidelijkheid verschaffen over het aantal studenten dat eerder elders al een of meerdere studiejaren heeft verbruikt. Deze jaren tellen mee in het Haagse verdeelmodel en ook in het interne Utrechtse verdeelmodel.

Tijdens de mei-vergadering van de universiteitsraad wordt de discussie over de aanpassingen in het universitair verdeelmodel voortgezet.

© 2014