Een bijeenkomst van een door studenten georganiseerde cursus over Harry Potter op Berkeley © BrokenSphere / Wikimedia Commons

Studenten kunnen lekker eigenwijs aan de slag met zelfbedacht vak

Body: 

Zelf een cursus bedenken en opzetten. Dat mogen enkele groepjes studenten vanaf dit voorjaar gaan proberen. Voor studiepunten nog wel. En misschien komt dat nieuwe vak straks in Osiris te staan. Belangrijkste opgave: echt vernieuwend zijn.

Een beetje trots is ze wel. Het is universiteitsraadslid Robin Wisse gelukt. Dit voorjaar schreef ze op DUB over haar ervaringen in Berkeley met onderwijsmodules die geheel worden verzorgd door studenten zélf. Zo kon ze bijvoorbeeld kiezen tussen cursussen over de opkomst van het populisme of over House of Cards. Ze kon leren websites bouwen of een poëziemagazine oprichten. Maar studenten organiseerden ook vakken samen met gedetineerden of daklozen. Zoiets moest er ook in Utrecht komen.

Nu is het zover. Samen met collega-universiteitsraadslid Sven Rouschop heeft ze de afgelopen maanden in samenspraak met een aantal universitaire stafleden ‘de Edu-challenge’ opgezet. “Als je samen met een of twee medestudenten een goed plan hebt kun je je voor 1 februari bij ons melden", legt Wisse uit. "De twee of drie groepjes met de best doordachte ideeën en onderwerpen krijgen dan in blok 3 de mogelijkheid om tien weken lang onder begeleiding van een onderwijskundige en een stagiair onderwijskunde je voorstel uit te werken. Ook kan er een docent worden ingeschakeld.”

De bedoeling is dan dat de vak met een omvang van 4 studiepunten in blok 4 daadwerkelijk gegeven gaan worden. Er wordt niet verwacht dat de studenten ook zélf het onderwijs gaan geven. Wisse: “Daarvoor kunnen ze óf docenten inschakelen óf experts van buiten de UU die veel weten van het onderwerp van het vak. Zelf blijven ze als organisator betrokken bij het vak en kunnen ze bijvoorbeeld ook een rol spelen bij het in goede banen leiden van discussies.”

Er valt misschien wat te leren van Amerikaanse onderwijsmodellen

De studenten die met een eigen cursus aan de slag mogen, kunnen 7.5 studiepunten van hun vrije ruimte hiervoor benutten. Formeel moeten ze zich daarvoor inschrijven voor een stagemodule van Bestuurs- en Organisatiewetenschap. De initiatiefnemers Wisse en Rouschop wisten de onderwijsdirecteur van die opleiding Wieger Bakker enthousiast te maken voor hun project. Deze stemde ermee in om dit jaar een experiment te doen met het create your own course-project.

“Dit past heel erg bij het universitaire streven om de betrokkenheid van studenten bij hun eigen onderwijs te vergroten”, zegt Bakker. “We willen allemaal graag meer communityvorming. Dan vind ik ook dat je experimenten op dat gebied alle ruimte moet bieden.”

Daarnaast denkt Bakker dat er misschien nog wel wat te leren valt van de Amerikaanse onderwijsmodellen waarbij vaak een link met de wereld buiten de universiteit wordt gezocht. “Dat is wat wij ook graag willen. De universiteit moedigt studenten aan om iets te doen met ‘sociaal ondernemerschap’ of met ‘community service’. Laten we maar eens kijken of we daar nog iets verder mee kunnen komen in het onderwijs.”

'Pilot' is het toverwoord

Volgens Wisse sluit haar initiatief ook aan bij een trend waarin steeds meer studenten graag zélf het heft in handen nemen. Ze verwijst naar het enthousiasme van studenten tijdens een brainstorm van het universitaire project Educate-It dat studentbetrokkenheid in het onderwijs stimuleert.

Op de website van de Edu Challenge wordt verwezen naar een aantal soortgelijke projecten bij andere universiteiten. “Maar hier in Utrecht zijn er ook voldoende voorbeelden. Bij geschiedenis is er iemand die geeft zelf buiten het curriculum om een cursus Russische Geschiedenis. Daarbij leren de deelnemers Russisch en komen er gastsprekers langs. En in veel honours programma zitten natuurlijk ook wel van dat soort elementen. Maar die zijn voor ons gevoel toch vooral bedoeld voor een exclusief groepje studenten.”

Hoewel ze gewaarschuwd was voor talloze beren op de weg, heeft Wisse de cursus toch nog vrij gemakkelijk tot stand kunnen brengen. “'Pilot' is het toverwoord. Zolang je het een pilot noemt, kan er veel. Het wordt vooral lastig als je het over studiepunten gaat hebben voor het volgen van het nieuwe vak. Dan gaat het om geld en om de vraag of de universiteit de kwaliteit van het onderwijs kan waarborgen. Dus mogelijk blijft de beloning voor het volgen van een van de vakken die de studenten opzetten in eerste instantie nog beperkt tot een certificaat.”

Studenten hebben de neiging om voor de bekende weg te kiezen

Volgens onderwijsadviseur Karin Scager van het Centrum voor Onderwijs en Leren van de UU (COLUU) kunnen studenten er veel aan hebben als ze zelf een cursus ontwikkelen. “Ze zullen zich inhoudelijk moeten verdiepen in de materie. Daarbij moeten ze oog blijven houden voor wat de hoofd- en bijzaken zijn. En ze moeten kunnen uitleggen wat ze willen overbrengen aan de deelnemers aan hun vak. We zeggen niet voor niets dat een docent het meest leert van zijn eigen onderwijs.”

Zelf was Scager dertig jaar geleden een van de organisatoren van een studentencursus bij Biologie. “Van alle dingen die ik tijdens mijn studie heb gedaan, heeft dat misschien nog de meeste indruk gemaakt.”

Maar of het didactisch ook meteen de beste cursussen worden als studenten aan het roer staan; dat betwijfelt Scager. De onderwijsadviseur gaf advies over activerende onderwijsvormen bij diverse universitaire honoursprogramma’s en was daarnaast betrokken bij twee UCU-vakken waarbij studenten zelf hun onderwijs mogen vormgeven onder begeleiding van een docent. (Over deze ‘co-creatie’-aanpak schreef UCU-docent Tatiana Bruni onlangs twee uitgebreide blogs op de site van de Teaching Academy Utrecht University (TAUU) red.)

Die ervaringen leren Scager dat het voor studenten vaak lastig is om na te denken over leerdoelen van een cursus en onderwijsvormen die daarbij passen. “Vaak komen ze uit bij wat ze uit hun eigen onderwijs kennen en wat ze het prettigst vinden: hoorcolleges, gastcolleges en een paper, liefst individueel want groepswerk is vervelend. Dat is erg jammer, je zou juist bij dit soort projecten graag meer experimenteren en vrij denken.”

Volgens Scager stappen universitaire studenten bovendien niet snel de universiteit uit. Scager: “De neiging is toch: meer lezen, meer onderzoeken, meer weten. Ze zijn vaak onzeker en voelen zich niet snel een gelijkwaardige gesprekspartner. Het verschil met hogeschoolstudenten is groot: die gaan eerder over op actie.”

Docenten die betrokken worden bij de nieuwe vakken hebben volgens Scager de taak om aandacht aan dat soort aspecten te besteden. “Docenten krijgen dan een nieuwe rol. Die worden een begeleider of een coach die studenten moet prikkelen of aanmoedigen."

Studenten geloven niet dat het kan

Wieger Bakker onderschrijft graag dat studenten in het nieuwe project zich niet teveel gelegen moeten laten liggen aan wat er ‘normaal’ is aan de universiteit. “Dat is inderdaad de uitdaging: studenten worden toch snel meegezogen in de logica van de organisatie. En dat wil je nu juist in zo’n pilot niet hebben. Je bent juist op zoek naar nieuwe ideeën. Ik hoop dat studenten die aan de slag gaan met eigen vak steeds blijven denken: wat wilde ik ook alweer zélf?”

Robin Wisse heeft er vertrouwen in. “Wat ik zelf zo mooi vind aan dit project, is dat je als universiteit studenten echt serieus neemt. Studenten kunnen onwijs veel als je ze de kans geeft.”

Van studenten zelf krijgt ze tot nu toe vooral enthousiaste reacties. Maar ze moet wel even uitleggen wat de bedoeling is. “Veel studenten geloven in eerste instantie niet dat ik serieus ben en dat ze echt zelf een vak zouden mogen verzinnen.”

Op 11 januari is er een informatieavond over het project.

Facebook Twitter Whatsapp Mail