Trainen voor een studieroutine. Het kan!

Body: 

Na de afgelopen tentamenperiode heb je je voorgenomen om vanaf het nieuwe blok je studiewerk bij te houden. Geen laatste moment studeerdoorhaalsessies meer! Maar hoe gaat je dat lukken?  

Aan het begin van het blok lijkt de tentamenweek ver weg. Je ziet het alweer gebeuren. Op het laatste moment zit jij met een stapel boeken in de bibliotheek. Je bent te laat begonnen met leren terwijl je je had voorgenomen om het nooit meer zover te laten komen. UU-wetenschappers Denise de Ridder en Marieke Adriaanse komen je te hulp met hun Handbook of Self-Control in Health and Wellbeing. Hun boodschap: wilskracht kun je trainen.

“Wilskracht, of zelfcontrole zoals het in de wetenschap heet, is het vermogen om prioriteit te geven aan het langetermijnbelang als je geconfronteerd wordt met plezierige afleidingen op de korte termijn”, vertelt hoogleraar Gezondheidspsychologie Denise de Ridder. “Vaak is het zo dat het langetermijnbelang meer winst oplevert, zoals bijvoorbeeld een tentamen goed maken. Maar de studiestof bijhouden is lastig vol te houden wanneer een leuke afleiding zich aandient, zoals op stap gaan met je vrienden.”

Ik moet sterk zijn
De twee Sociale Wetenschappers presenteerden hun boek op vrijdag 19 januari in de Winkel van Sinkel. Er was ook een paneldiscussie. Internationale wetenschappers spraken over het trainen van wilskracht.  “Zelfcontrole is een belangrijk onderwerp. Er verschijnt veel over in de vorm van wetenschappelijke publicaties”, zegt De Ridder. “Het wordt als een cruciaal psychologisch proces gezien om te begrijpen hoe mensen succesvol kunnen werken aan wat ze op de lange termijn belangrijk vinden. Mensen willen wel dingen doen, maar het komt er niet altijd van. Wij, de schrijvers van het handboek, vonden het tijd worden voor een handzaam overzicht dat een beter overzicht biedt dan losse publicaties.”

Volgens De Ridder hebben veel mensen een verkeerd beeld van zelfcontrole of wilskracht. “Ze denken dat het gaat om het weerstaan van verleiding. Ze gebruiken vaak de zin ‘ik moet sterk zijn’ als het over wilskracht gaat. Dat zie je bijvoorbeeld bij mensen die aan de lijn doen. Wanneer je net gegeten hebt, is dat eenvoudig. Wanneer je hongerig bent en er staat een taartje voor je neus, is het een stuk lastiger.”

Tips voor studenten
Hoewel het boek bedoeld is voor wetenschappers, heeft De Ridder ook tips voor studenten die hun wilskracht willen trainen. Waaronder ook de klassieker ‘houd alles vanaf het begin bij’. Beter, zo blijkt, is het om het niet zover te laten komen dat alleen je wilskracht je nog kan redden.


1.Maak een plan
“De meeste mensen hebben wel een doel of een goed voornemen. Alleen denken ze niet na over wanneer en hoe ze dat voornemen in de praktijk willen brengen.” Het is belangrijk dat de doelen die je stelt specifiek zijn. “Je kunt wel zeggen ‘ik wil meer studeren’, maar dat is te abstract. Je kunt beter zeggen ‘ik wil aan het eind van de week een bepaald boek uitlezen; of ‘ik wil vandaag twintig pagina’s lezen’. Hoe specifieker je de taak maakt, hoe beter. Dan is de kans veel groter dat je je daadwerkelijk aan het plan houdt.”

2.Doe niet te veel tegelijk.
“Het is ook een voordeel als je niet te veel tegelijk moet doen. Als je moet studeren, daarnaast nog moet werken en een aantal andere verplichtingen hebt, belast je jezelf erg veel. Dan heb je veel wilskracht nodig. Het is beter om die energie in één ding te steken.”

3.Creëer je eigen motivatie
Je zult in je opleiding altijd vakken krijgen waar je niets mee hebt. Of ronduit vervelend vindt. Het is dan lastig om die boeken open te slaan. “Wanneer je aan jezelf kunt uitleggen waarom dat vak belangrijk is, ga je er anders tegenaan kijken. Of je kunt proberen om het toch leuk te maken. Door bijvoorbeeld samen met iemand te studeren of jezelf te belonen na een uur werken.”

4.Wees je bewust van je afleiding
Iedereen die moet leren, krijgt er mee te maken: studie ontwijkend gedrag. Het komt vaak voor dat studenten vlak voor ze boeken willen openslaan, eerst ‘nog even’ hun kamer moeten opruimen. “Wanneer je weet dat je de krant gaat lezen, afwassen of je kamer opruimen, plan die bezigheden dan in. Als je bijvoorbeeld om 10.00 uur begint, ga dan om half tien de dingen doen die je normaal als afleiding gebruikt.” Vaak eindigt het niet geplande uitstel tot afstel, zegt ze.  “Het is ook helemaal geen slecht idee om af en toe pauze of vrije tijd te nemen. Wanneer je een routine hebt opgebouwd, is dat makkelijker om te doen dan wanneer je jezelf een week opsluit om te leren.”

5.Routine is beter dan wilskracht
Wanneer je iets moet doen, zorg dan voor een bepaalde tijd en context waarin je dat doet. “Spreek met jezelf af dat je iedere dag tussen 10 en 11 uur de stof doorneemt en dat kun je doen door die tijd in de bibliotheek te gaan zitten. Door het in korte momenten te doen, kun je een routine opbouwen. Conservatoriumstudenten bijvoorbeeld oefenen dagelijks waardoor het studeren voor hen geen wilskracht meer kost. Door de routine kost hetgeen je moet doen uiteindelijk minder wilskracht. Dat is beter dan met jezelf een moment afspreken waarop je iets gaat doen en als dat moment komt, het niet doet omdat je er geen zin in hebt.

6.Laat het niet op wilskracht aankomen
“Eigenlijk is wilskracht een laatste optie. Er zijn andere tactieken die veel bruikbaarder zijn. Vaak wordt een beroep op wilskracht gedaan om verleidingen te weerstaan. Dat werkt maar in beperkte mate en alleen als je van de taak een routine weet te maken.” Zie punt 5.

Het Routledge International Handbook of Self-Control in Health and Wellbeing onder redactie van Denise de Ridder, Marieke Adriaanse en Kantaro Fujita is te koop voor 195 euro.

Facebook Twitter Whatsapp Mail