Geneeskundestudent Roos topper in Braziliaans jiujitsu

Body: 

UU-student Roos el Sharouni (24) doet dit weekend mee aan een internationaal Braziliaans jiujitsu toernooi in Londen. Ze is Europees kampioen dus de verwachtingen zijn hoog gespannen.

Het toernooi in Londen is een opwarmertje voor Roos. De masterstudent Geneeskunde gebruikt de wedstrijd ter voorbereiding op het Europees kampioenschap in Lissabon waar ze in januari haar titel moet verdedigen. Tussendoor moet ze nog een coschap lopen.

Roos heeft niet altijd jiujitsu gedaan. Ooit begon de 1.58 meter lange en 54,5 kilo zware Roos mede op verzoek van haar Egyptische vader met judo, maar daar stopte ze mee. “Ik was een klein verlegen meisje en werd alle kanten opgegooid. Nee, dat was niet leuk.”

Haar oudere zus deed toen jiujitsu en Roos wilde doen wat haar zus deed. Dat lag haar veel beter: een combinatie van allerlei gevechtstechnieken die als doel hebben je te verdedigen als je wordt aangevallen. Op haar 18de had ze een zwarte band. Er was één probleempje: bij haar sportschool in Zeist kon ze niet aan wedstrijden deelnemen.

Dat kon wél met Braziliaans jiujitsu (BJJ) en na een demonstratietraining was ze verkocht. BJJ is een krijgskunst waarbij het grondgevecht centraal staat en meer dan bij jiujitsu is het niet alleen een wedstrijdje om wie de sterkste is, maar vooral om wie de slimste is. Braziliaans, omdat de Japanner die de sport had bedacht naar Brazilië emigreerde.

“Het is een soort schaakspel”, zegt Roos. “Waar je bij judo het doel hebt om je tegenstander op z’n rug te werpen, kun je bij BJJ voor veel verschillende posities punten krijgen; zo krijg je die als je op iemand zit als hij op z’n zij ligt, maar ook als ie op z’n rug ligt.”

Een wedstrijd BJJ heeft afhankelijk van het niveau een vaste tijdsduur, tenzij iemand afklopt. Dat zie je Roos doen in één van de weinige YouTube-filmpjes die er van haar zijn. Daarin komt ze maar niet onder een verwurging uit en gaat ze letterlijk out. “Zeventien was ik toen, te lang gewacht met afkloppen. Dat is me sindsdien niet meer overkomen.”

Een verwurging overkomt haar sowieso niet zo snel, want Roos’ grote voordeel bij deze sport is dat ze klein én razendsnel is. Een tegenstander hoeft bij een greep maar een klein gaatje te laten, en floep! Roos is er onderuit. Bij de Flevo Open won ze op die manier twee keer goud in open gewichtsklassen, tegen veel zwaardere vrouwen. “Het is simpele natuurkunde: meer massa verplaatst trager. Dat is in mijn voordeel, want ik moet natuurlijk voorkomen dat ze bovenop me gaan zitten.”

Het zal niet de eerste keer in het gesprek zijn dat Roos haar sport wetenschappelijk benadert. Zo weet ze door haar bachelor Bewegingswetenschappen aan de Vrije Universiteit dat laxiteit (losse gewrichten) geen instabiliteit hoeft te betekenen. Haar schouder ging een paar jaar terug weliswaar ineens uit de kom, maar dat wil niet zeggen dat ze geen topprestaties meer kan leveren. Dat blijkt: na een afwezigheid van twee jaar is ze sterker dan ooit.

Ze traint acht keer in de week, heeft krachttraining opgenomen in het programma en werkt met een voedingscoach die haar tot nieuwe inzichten brengt. Naar zijn adviezen kijkt Roos als een academicus. “Vroeger wilde ik afvallen voor wedstrijden om dan maar in een lagere categorie te komen. Nu zegt mijn voedingscoach dat ik dat niet moet doen, omdat je met een vetpercentage lager dan 12 procent je afweersysteem aantast. Ik vind zulke informatie door mijn studie extra interessant.”

Na de sportbreak had ze de tijd om weer op niveau te komen. Met geneeskunde was ze namelijk even gestopt. “Ik wist niet of het dokterswerk me wel lag. De werkdruk is hoog en ik vond dat coassistenten niet leuk behandeld worden. Maar inmiddels trek ik me daar minder van aan. Ik heb meer levenservaring.”

En dus volgt ze sinds dit collegejaar de master Geneeskunde in Utrecht. En weet ze wat ze daarna wil doen. “Sportarts worden. Van het Nederlands judoteam? Dat zou geweldig zijn.”

Maar eerst wil ze op 17 oktober knallen en zich daarna optimaal voorbereiden op het EK in Lissabon om haar titel te verdedigen. Dat is een pittige opgave, want inmiddels heeft ze de paarse band. En sport ze een niveautje hoger dan bij haar vorige EK. Dus is het topsport dat de klok slaat. Een sociaal leven en een vriendje, dat komt allemaal later wel. “Op dit moment is Braziliaans jiujitsu mijn leven. En dat vind ik hartstikke leuk.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail