Welke studiemaatregelen staan studenten te wachten? Een overzicht

Body: 

Een reeks wetswijzigingen brengt studenten de komende jaren een sociaal leenstelsel, het einde van de studentenkaart en matchingsdagen. DUB zet de veranderingen in de verschillende studiefasen op een rij.

Een reeks wetswijzigingen brengt studenten de komende jaren een sociaal leenstelsel, het einde van de studentenkaart en matchingsdagen. DUB zet de veranderingen in de verschillende studiefasen op een rij.

Lees de krant of kijk het nieuws, zie wat er over het hoger onderwijs wordt gezegd, en één gedachte zal overheersen: studeren wordt steeds duurder en intensiever. Een deel van de maatregelen waar studenten de komende jaren mee te maken krijgen, zaten al in de pijplijn, een aantal andere zijn het resultaat van de onderhandelingen van coalitiepartijen VVD en PvdA of wachten nog op de goedkeuring van de Tweede of Eerste Kamer. Wat kan jij de komende jaren verwachten?

Toelating
Geleidelijk verdwijnt de loting (of numerus fixus) als selectiemechanisme voor aankomende studenten. In plaats daarvan moeten universiteiten vanaf 2014 studiekeuze- of matchingsactiviteiten gaan aanbieden. De Universiteit Utrecht voerde het afgelopen academisch jaar al matchingsdagen in voor aankomende studenten. Studenten moesten daar uitleggen waarom zij de studie willen volgen, maken wat testjes en krijgen vervolgens een (niet bindend) advies of zij al dan niet aan de studie moeten beginnen. Vanaf dit jaar wordt dit de regel bij alle Utrechtse bachelorstudies. Daarmee hangt samen dat studenten zich – net als dit jaar al het geval was - voortaan voor 1 mei moeten aanmelden voor hun studie. Tot voorheen konden zij vaak nog last minute beslissen.


Bachelor

Sociaal leenstelsel
Wen maar vast aan de gedachte: studeren betekent schulden maken. Eén van de grote veranderingen van de komende jaren treft namelijk de studiefinanciering; want die komt te vervallen. In het wetsvoorstel zoals het er nu ligt, krijgen alle studenten die vanaf 1 september 2015 aan hun bachelor beginnen te maken met het sociaal leenstelsel (pdf). Geen basisbeurs meer die je gratis en voor niks krijgt, maar lenen moet je.

Dit leenstelsel heet sociaal omdat studenten de schuld die ze aangaan na afloop van hun opleiding naar draagkracht terugbetalen: wie veel verdient, moet sneller terugbetalen dan wie weinig verdient. Overigens moet over de lening wel rente worden betaald.

Voor bachelorstudenten die in september 2014 beginnen met lenen verhoogt het kabinet de maximale terugbetalingstermijn van 15 naar 20 jaar. Het bedrag dat je daarna nog moet terugbetalen, wordt kwijtgescholden.

Sommige studenten die net niet onder het sociaal leenstelsel vallen, kunnen desalniettemin kiezen voor de verruimde terugbetalingstermijn: wie voor september 2014 is gaan lenen, maar pas in 2018 begint met aflossen, mag kiezen in welke termijn hij of zij wil terugbetalen.

Aanvullende beurs
De aanvullende beurs voor minder kapitaalkrachtige studenten is geen onderdeel van het sociaal leenstelsel. Wel verandert vanaf 2015 de berekening van de aanvullende beurs waarop studenten recht hebben. Het bedrag dat je ouders moeten bijdragen aan je studie wordt dan namelijk anders berekend. Ook kun je niet langer een beroep doen op de regeling die voorheen van toepassing was als je ouders onvindbaar zijn of weigeren mee te betalen aan je opleiding. In die gevallen kunnen studenten lenen via het sociaal leenstelsel.

Hoger collegegeld voor honour-onderwijs
De UU wil graag dat vanaf 2015 zo'n 10 procent van de studenten tijdens zijn of haar bacheloropleiding het prestigieuze honours-onderwijs volgt. Landelijke ligt het streefcijfer voor het aantal honour-studenten rond de 5 procent. Op aandringen van de Nederlandse Vereniging van Universiteiten kondigde (pdf) Minister Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in juli aan dat universiteiten de prijs voor deze studieprogramma's mogen verhogen tot maximaal twee keer het wettelijke collegegeld. Talentvolle studenten die dit niet kunnen betalen, moeten een beroep kunnen doen op het profileringsfonds dat individuele studenten financiële ondersteuning biedt. De Utrechtse faculteit Recht, Economie en Bestuur kondigde direct aan hier gebruik van te zullen gaan maken: studenten van het Utrecht Law College zouden 500 euro schoolgeld moeten gaan betalen.

Bindend studieadvies
Al jaren is een bindend studieadvies voor eerstejaarsstudenten de regel. In Utrecht betekent dit dat je in het eerste jaar van je bachelor 45 van de 60 studiepunten ofwel EC’s moet hebben gehaald om toegelaten te worden tot het tweede jaar. Minister Bussemakers (PvdA) geeft universiteiten vanaf 1 september 2013 de mogelijkheid om slecht presterende studenten ook in het tweede jaar van de bachelor met een bindend studieadvies weg te sturen (pdf). De UU heeft laten weten hier voorlopig geen gebruik van te maken.


Master

Aansluiting bachelor - master
Nu is het nog zo dat veel bacheloropleidingen automatisch toegang bieden tot een daarop volgend masterprogramma. Vanaf het studiejaar 2014-2015 verdwijnen deze doorstroommasters en mogen opleidingen ook studenten weigeren die het ideale voortraject hebben gevolgd. Het doel is om studenten beter te laten nadenken over de master die zij willen gaan doen. 

Schakeljaar
De Universiteit Utrecht stond op het punt de voorbereidende premasteropleidingen of schakelprogramma's flink in prijs te verhogen. Door een wetswijziging zijn universiteiten nu aan regels gebonden die vanaf dit collegejaar gelden. Dit betekent dat een premaster van 30 EC maximaal de helft van het wettelijk collegegeld mag bedragen (dit jaar 917,50 euro). Voor een premaster van 45 EC betaal je het wettelijke collegegeld en voor een een schalkelprogramma van 60 EC anderhalf keer het wettelijk collegegeld. Voor een volledig schakeljaar van 60 studiepunten betalen Utrechtse studenten dit jaar dus 2.752,50 euro.

Studiefinanciering tijdens de master
Studenten die op 1 september 2014 of later aan hun master beginnen, krijgen niet langer een basisbeurs. In plaats daarvan kunnen zij lenen via het sociaal leenstelsel.

Tweede studie
Instellingsgeld
Studenten hebben te maken met twee soorten collegegeld: het wettelijke collegegeld en het instellingstarief. Studenten die aan hun opleiding beginnen betalen het wettelijk collegegeld, een bedrag dat de overheid jaarlijks vaststelt. In het collegejaar 2013-2014 is dat 1835 euro voor een voltijdopleiding. Sinds 2011 mogen universiteiten daarnaast zelf het tarief bepalen voor studenten die al een opleiding hebben gevolgd en een tweede bachelor of master willen volgen. In Utrecht verschillen de kosten voor een tweede bachelor (pdf) of master (pdf) per opleiding en per jaar.

Sneller, beter en excellenter
Hoe lang mag ik studeren?
Een paar jaar geleden kondigde toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra (VVD) de langstudeerboete aan. Studenten moesten 3000 euro gaan betalen voor elk jaar dat zij langer studeerden dan toegestaan. De regeling trad in september 2012 in werking, maar werd in oktober alweer afgeschoten door het toen aantredende kabinet VVD - PvdA. Op langstuderen staat nu geen straf meer.

OV-studentenkaart
Toch komen er steeds meer prikkels om vaart achter de studie te zetten. Zo hebben studenten sinds januari 2013 nog maar vijf jaar recht op een OV-studentenkaart. Dat is de duur van de gehele studie (bachelor én master) plus één jaar. Voorheen was dit zeven jaar. Momenteel bereidt de regering een wetsvoorstel voor om de kaart waarmee studenten vrij kunnen reizen in te wisselen voor "een ander soort ov-product". Wat dit wordt is nog niet helemaal zeker, maar in het regeerakkoord spreken de regeringspartijen van een kortingskaart voor alle studenten vanaf 2015.

Tentamenherkansing
De Universiteit Utrecht streeft er ook naar de eigen studenten beter hun best te laten doen. Vanaf studiejaar 2014-2015 verkleint de UU de marge waarbinnen studenten hun tentamens mogen herkansing. De ondergrens voor een herkansing wordt dan een 4,5 is het voorstel. Nu mogen studenten hun tentamen nog herkansen bij een cijfer tussen de 4,0 en 5,5.

Facebook Twitter Whatsapp Mail