Het grote zwijgen

Body: 

Of hij nu gehoor vindt of niet, Baaierd blijft ageren tegen de winstmaximaliserende universiteit.

Aan: Doris@anoniemelezers.dub.uu.nl
Betreft: het grote zwijgen
Bijlage: fin de partie

Ha Doris,

Blijkbaar heb ik een snaar geraakt die erg gevoelig is. En is mijn perspectief niet het jouwe. Hoe kan het ook anders Doris, we zijn niet dezelfde mensen! En omdat ik zo enthousiast was over serieus commentaar op mijn column beloofde ik een heel stuk te wijden aan de laffe intellectuelen die er jaren geleden met de kas vandoor zijn gegaan. Na een uur tobben werd ik wanhopig.

Ik ben er niet in geslaagd. Wie wil er nog graag vertellen over de tijd dat de universiteit bruiste van de discussies over onze samenleving? Hoe je die anders in kan richten. Hoe mensen op een fatsoenlijker manier met elkaar kunnen samenleven. Dat er een verschil bestaat tussen welvaart en welzijn. Dat, nu we ons in onze eerste levensbehoeften meer dan ruim kunnen voorzien, er tijd genoeg is om over andere dingen na te denken dan materieel gewin.

En stel dat ik mijn hersens dwing om dat te doen, om uit te leggen wat hier eigenlijk gemeengoed aan onze universiteit zou moeten zijn, wie wil er dan nog naar luisteren? Want het is nu immers crisis. We hebben weer een excuus om nóg meer van hetzelfde nóg beter te gaan doen.

Nog meer verfijnde verleidingstechnieken in nog meer reclametijd moeten onze twijfels wegwuiven. De aanstichters zijn ook maar gewone mensen. ‘Feel good’ moet, heulen we met de massa. Leve mijn ongebreidelde consumptie. Leve het uiterlijk vertoon. Leve de winstmaximalisatie. En zij die beter moesten weten Zwijgen. In alle intellectuele toonaarden.

Vannacht droomde ik dat ik in een put stond te schreeuwen. Hij had de vorm van een oor. In het begin vroeg ik telkens aan het oor wat hij van mijn ideeën vond. Ik vertelde het oor dat ik het een aardig oor vond en erg prijs stelde op zijn mening. Dat ik het leuk zou vinden als hij ook eens een keer wat terug zei. Maar telkens leek het een dovemansoor waar ik tegen aan het praten was.

Zeg nou eens wat, probeerde ik telkens weer. Dat mijn vragen niet beantwoord werden, begon me steeds meer te irriteren. Als je dan geen antwoord hebt op mijn vragen misschien kan je dan gewoon iets over jezelf vertellen, probeerde ik. Of over iets wat je de moeite waard vindt in het leven. Of anders gewoon iets wat je leuk vindt?

Ik begon steeds harder te praten en mezelf te overschreeuwen. Tot ik me afvroeg wat ik eigenlijk aan het doen was en zweeg. Verdwaasd. Langzaam tot mezelf komend leek het alsof er heel in de verte iets gebeurde. Ineens kwamen uit de krochten van het oor de woorden die ik er in had geschreeuwd, achterstevoren terug. Onverstaanbaar en steeds sterker aanzwellend. Tot ze de pijngrens bereikten en ik wakker werd van mijn eigen misvormde echo’s.

Doris, blijf mijn columns volgen als je het kan opbrengen, want waarschijnlijk ben ik een arrogante ouwehoer, en jij mijn laatste wakkere lezer,

Baaierd 

Facebook Twitter Whatsapp Mail