Flickr

De wolf die geloofde dat ie een lammetje was

Body: 

De Universiteit Utrecht is een informele organisatie. De hoogleraar noemen we Jan, de docent Ineke en de receptionist Jolanda. En hoewel informeel is de UU wél een hiërarchische organisatie en dat betekent dat er machtsverhoudingen zijn. Laura Hendricx, geïnspireerd door recente berichten over grensoverschrijdend gedrag, vindt dat de leidinggevenden van de UU zich beter bewust moeten worden van hun machtspositie.

 

‘Macht’ is in mijn kringen binnen en buiten de UU een beetje een vies woord. Het liefst negeren we het verschijnsel helemaal. Maar mij lukt dat niet meer. Sinds me is opgevallen hoe onbewust mensen met macht zich zijn van hun positie, valt het me steeds vaker op. ‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt!' (1) Mensen die door hun positie het vermogen hebben om de omstandigheden van anderen te beïnvloeden willen dat niet weten. Ze ontkennen vooral dat die positie invloed heeft op de onderlinge verhoudingen. Ze zeggen dat ze ‘een echt mensenmens’ zijn, en dat macht in hun geval dus geen enkele rol speelt. Ze zeggen dat ze iedereen als gelijkwaardig beschouwen en dat móet wel impliceren dat anderen dat ook zo ervaren.

Onze rector magnificus heet gewoon Henk, professor Jan staat erop dat we tutoyeren, we zijn Facebookvriendjes met onze leidinggevenden en zelfs ministerpresident Mark is een heel gewone jongen, die lekker op de fiets naar het werk gaat. Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg.

In een vergadering zei mijn nieuwe collega dat het haar opviel dat ze bijna niet gegroet werd op de gang, en dat mensen hoe dan ook erg weinig belangstelling toonden. De manager, die ook pas kort bij ons werkt, zei dat hij een heel andere ervaring had: hij werd steeds gegroet, en had al met veel mensen een praatje gemaakt. “Maar ja, ik sta daar ook erg voor open. Ik ben mijn hele leven al een erg sociaal iemand en ik heb daar ook veel complimenten over gekregen.” Ik vroeg: “Denk je niet dat je manager-rol invloed heeft op de manier waarop medewerkers met je omgaan?” “Oh nee, zeker niet, het komt denk ik gewoon omdat ik altijd uitstraal dat iedereen altijd welkom is bij mij.”

In veel situaties is dat informele natuurlijk erg prettig. En inderdaad: het schept een sfeer van gelijkwaardigheid en vertrouwen. Maar vergis je niet: leidinggevende en medewerker zijn als capabele, assertieve, ambitieuze volwassenen onder elkaar bijna gelijkwaardig, maar niet helemaal. Een opdrachtgever heeft de mogelijkheid de volgende keer een andere opdrachtnemer te kiezen. Een hoogleraar kan een PhD-student doen besluiten voortijdig af te haken door gebrek aan begeleiding. Een leidinggevende kan jou voordragen voor een mooie interne vacature. En de trainer is voor een cursist ook nét een beetje gelijker dan anderen. (2)

Macht  doet iets met een mens; het verandert de manier waarop je in de wereld staat. De biochemische processen in het brein veranderen, met als gevolg een verminderd empathisch vermogen (3,4,5). Terwijl we onze leiders kiezen wegens hun openheid, enthousiasme en vriendelijkheid, beginnen ze zich vaak arrogant en onethisch te gedragen als ze eenmaal macht krijgen.

Toen ik nog een dubbelfunctie had, en ik de helft van mijn UU-aanstelling als projectleider werkte, had ik tijdens een afdelingsuitje een gesprek met mijn leidinggevende, ‘gezellig als twee jonge vrouwen onder elkaar’. Ze vroeg me: “Hoe stel jij je eigenlijk je toekomst voor? Denk je dat je je functie als projectleider gaat uitbreiden, en meer uren per week als projectleider gaat werken?” “Ja, dat lijkt me geweldig! Is dat een mogelijkheid dan? Is dit een aanbod?” “Nou nee, ik was gewoon benieuwd…”

Naast formele macht is er ook nog de maatschappelijke vorm van macht die verband houdt met sociale klasse; de combinatie van onderwijsprestaties, beroepsstatus en financieel vermogen van jezelf en je ouders en grootouders, en de beleving van de eigen positie op de sociaal-maatschappelijke ladder. Ook gezondheid, uiterlijk, partnerkeuze en sociale netwerken spelen hierbij een rol. Mensen met formele of maatschappelijke macht gaan er als vanzelfsprekend van uit dat ze in hun recht staan als ze het woord nemen in een vergadering, als ze gelijk krijgen in een conflict, als ze serieus genomen worden met een klacht of suggestie, als ze op verzoek een salarisverhoging krijgen.

Bij een collega op de afdeling begint over een week een nieuwe PhD-student. De hoogleraar die haar de komende vier jaar gaat begeleiden als haar promotor zegt tegen de huisvestingscoördinator: “er is nog wel een plek vrij bij mij op de kamer, dat is wel handig, dan kan ze altijd direct met mij overleggen.” “Dat lijkt me geen goed idee; het is beter als zij de kans heeft om met collega’s op de kamer haar hart te luchten over haar begeleider. Tussen jou en haar is geen evenwichtige machtsverhouding.” “Dat is onzin; dat is helemaal niet mijn stijl van leidinggeven!”

Na de uitzending van BOOS dacht ik terug aan een training die ik bijna 10 jaar geleden volgde bij een grote opleidingsorganisatie. Aan het begin van de training had de trainer tegen de cursisten gezegd dat hij onze examens zou controleren en corrigeren vóór hij ze zou inleveren, zodat we allemaal zouden slagen. De boodschap kon ook opgevat worden als: “hou mij te vriend, want ik kan je laten zakken”. Het was een dure training; ik wist niet of de UU ook een herexamen voor me zou betalen.

Tijdens de training stuurde de trainer me regelmatig chatberichten. Hij liet me weten dat hij me erg aantrekkelijk vond (“Je zag er lekker uit”), dat hij graag een keer met me zou afspreken, dat hij me zou willen zoenen en dat hij een ‘open huwelijk’ had. Het was een bijzonder ongemakkelijke situatie om deze man op afstand te houden én tegelijk mijn slagingskans hoog te houden.

Afgelopen week heb ik contact opgenomen met de opleidingsorganisatie. Ik heb ze laten weten dat de trainer met de examens sjoemelde, dat hij een machtsspelletje speelde met de cursisten en dat hij zich tegenover mij ongepast had gedragen. Ze reageerden goed: ik kreeg direct een gesprek met een manager, die vervolgens samen met de directeur heeft besloten het beleid te herzien, de gedragsregels opnieuw onder de aandacht te brengen bij de trainers én cursisten en voor cursisten een externe vertrouwenspersoon in de arm te nemen voor als het tóch mis gaat.

Een media-tycoon wordt geconfronteerd met wangedrag bij een talentenshow binnen zijn organisatie. Zijn eigen zwager is bandleider bij de show, en kan vanuit die positie het optreden van kandidaten ondermijnen. Toch houdt hij voet bij stuk: zijn zwager had geen machtspositie. (6) Er waren dingen geregeld binnen de organisatie, maar nu hij hoort over het wangedrag van de bandleider concludeert hij “dat al die loketten en maatregelen kennelijk niet het gewenste effect hebben gehad”.

Organisaties hebben vaak allerlei ‘voorzorgsmaatregelen’ tegen machtsmisbruik en wangedrag, maar in feite gaat het allemaal om ‘nazorg’. Aan de UU is het niet anders. In het UU-intranet-nieuwsbericht van 26 januari 2022 ‘Ongewenst gedrag tolereren we niet aan de UU’ komt het woord ‘macht’ maar één keer voor: rector Henk Kummeling zegt: “Soms voelt iemand zich misschien overrompeld of is er schaamte. Ook spelen vaak machtsverhoudingen een rol. Dat begrijp ik, en toch wil ik mensen vragen om zich uit te spreken.” Macht wordt hier alleen genoemd als drempel om wangedrag te melden en dus niet als oorzaak van het gedrag. Er wordt op de pagina verwezen naar: “Deskundigen en trainingen”. Voor leidinggevenden is er een training ongewenst gedrag, waarin ze leren ongewenst gedrag bij anderen te herkennen en adequaat te reageren. Ook hier staat weer niets over de eigen machtspositie en het eigen gedrag. Ook nu wordt ervan uitgegaan dat alleen ánderen zich ongewenst gedragen.

Als het doel is om machtsmisbruik en wangedrag te voorkómen, hebben ‘al die loketten en maatregelen’ inderdaad ‘niet het gewenste effect’. Het belangrijkste middel om te voorkómen dat schapen wolven worden is bewustwording. Bij elke leiderschapstraining van de universiteit zou hier aandacht voor moeten zijn. Als leiders hun woorden extra zorgvuldig kiezen omdat ze weten dat die vanuit hun positie extra gewicht krijgen, en als ze tegenspraak organiseren en het eigen ongelijk actief opzoeken (7),  dan stijgt de macht ze niet naar het hoofd. Dan lopen ze niet als makke lammetjes in de wolvenklem van hun eigen ‘onschuldige’ arrogantie.


Noot

(1) Johan Cruijff
(2)George Orwell, Animal Farm, 1945
(3)Interview met organisatiepsycholoog Oscar David: 'Dit is waarom het directeuren en ceo’s nog weleens naar de bol stijgt' - Priscilla van Agteren, 6 september 2019, Algemeen Dagblad
(4)Interview met Dacher Keltner 'Wie eenmaal aan de macht is, wordt minder empathisch' - Gemma Venhuizen, 8 december 2017, NRC Handelsblad en Boek van Dacher Keltner ‘De machtsparadox - een radicaal nieuwe visie op leiderschap’ (2016, ISBN 9789000316977)
(5)Artikel: 'Macht vermindert het vermogen tot empathie' - Sanne Feenstra en Jacoba Oedzes, 20 juni 2019, Rijksuniversiteit Groningen
(6) Artikel: BOOS: aangifte van verkrachting tegen Ali B, John de Mol 'wist in 2019 van 1 zaak Rietbergen' - 20 januari 2022, NOS Nieuws
(7) Interview met econoom Marilieke Engbers: ‘Een goede leider onderzoekt zijn ongelijk’ - Kustaw Bessems, 30 december 2021, de Volkskrant

Facebook Twitter Whatsapp Mail