Pleidooi voor behoud TV-studio Uithof

Body: 
Studenten film- en televisiewetenschap hebben bij hetbestuur van hun onderwijsinstituut gepleit voor behoud van deTV-studio in de laagbouw van het Bestuursgebouw. Hetfaculteitsbestuur Letteren denkt erover om de studio uitkostenoverwegingen af te stoten.

De discussie over de studio werd vorig jaar actueel in verbandmet de naderende verbouwing van de laagbouw tot onderwijscentrumvoor onder meer Wijsbegeerte. Omdat de voormalige OMI-studio maarzes à zeven weken per jaar wordt gebruikt, vroeg hetfaculteitsbestuur aan de directie van het onderwijsinstituut Mediaen Representatie, waaronder Film en TV-wetenschap valt, om eenhelder businessplan. Gevraagd werd om de garantie van zestig totzeventig procent bezettingsgraad. Volgens hoofd C. de Jong van hetfacultaire mediacentrum aan de Kromme Nieuwegracht is op die vraagnooit serieus antwoord gekomen.

Mede vanwege de noodzaak van een dure verbouwing heeft De Jonghet faculteitsbestuur nu geadviseerd om de studio af te stoten. Inplaats daarvan zouden studenten voor het maken van TV-programma'sgebruik moeten gaan maken van Studio T, het theater van Letterenaan de Kromme Nieuwegracht. Overigens beklemtoont De Jong dat ernog geen besluit is genomen; behoud is wel degelijk nogbespreekbaar.

Volgens studenten die de studio de afgelopen weken hebbengebruikt voor het maken van een talkshow die komend najaar via dewebsite van het U-blad zal worden uitgezonden, is Studio T geenzinnig alternatief. Zij stellen dat een specifiek voor TV- envideo-opnamen ingerichte studio onmisbaar is voor hun snel inpopulariteit toenemende studie. "Een goede studio is in de huidigetijd gewoon een eerste vereiste voor ons om ervaring met televisieop te doen. Dat kan de faculteit toch niet zomaar negeren?Bovendien: is een eigen TV-studio niet een prachtig visitekaartjevoor de faculteit om studenten mee te werven?"

Wat de studenten betreft zal het geen probleem zijn om de studiointensiever te gebruiken. Zij hebben grootse ideeën over hetmaken van 'faculteitsbladen op video' en andere producties. Dezeweek zullen zij er bij prof.dr. H. Schoenmaker, directeur van hetInstituut voor Media en Representatie, op aandringen dat de studiobehouden blijft. Volgende week overlegt Schoenmaker hierover methet faculteitsbestuur.

EH