Foto: Marijn Alders

Hoogleraar: verplichte matching is mogelijk onwettig

Body: 

De afwijzing van een aantal studenten in de pilotfase van het nieuwe Utrechtse toelatingssysteem, staat volgens een Rotterdamse hoogleraar op gespannen voet met de wet. 

Het nieuwe Utrechtse toelatingssysteem dat in de pilotfase al meerdere aankomende studenten blijkt te hebben genekt, staat op gespannen voet met de wet. Dat stelt de Rotterdamse hoogleraar onderwijsrecht Pieter Huisman.

Vanaf volgend studiejaar wil de Universiteit Utrecht zogenoemde matchinggesprekken voeren met al haar aankomende studenten. Bij twijfel over hun capaciteiten krijgen ze het dringende advies om niet aan hun opleiding te beginnen, maar dit advies kan in de wind worden geslagen.

DUB meldt deze week dat de opleiding economie dit studiejaar al een voorschot nam op de nieuwe matchingmethode. Bij deze pilot is meerdere studenten de toegang tot de studie ontzegd omdat ze niet deelnamen aan de verplichte matchingactiviteit.

Decaan Theo Wubbels, verantwoordelijk voor de toelatingsprocedures van de Universiteit Utrecht, stelt in het artikel dat juridische procedures tegen het nieuwe Utrechtse systeem weinig kans maken omdat de verplichte matching integraal onderdeel is van de Utrechtse inschrijfprocedure van opleidingen.

Een stelling waar Pieter Huisman, hoogleraar onderwijsrecht aan de Erasmus School of Law, ernstige twijfels over heeft. “Het huidige systeem gaat ervan uit dat het hoger onderwijs algemeen toegankelijk is, als je aan de wettelijke voorwaarden voldoet, waaronder de vereiste vooropleiding. Dit is vastgelegd in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW). Je mag dus niet selecteren. Uitzondering op de regel zijn onder meer de numerus-fixusopleidingen. De Utrechtse matchingsprocedure lijkt op zijn minst op gespannen voet te staan met dit artikel.”

Met het nieuwe toelatingssysteem, dat vanaf aankomend voorjaar instellingsbreed geldt, wil de Universiteit Utrecht studenten via verplichte activiteiten kennis laten maken met de opleiding van hun keuze. Het advies dat studenten krijgen is niet bindend, maar hun deelname is verplicht en een voorwaarde om aan de studie te mogen beginnen.

“Instellingen mogen aanvullende voorwaarden stellen”, vervolgt Huisman, “maar deze moeten volgens de wet wel van procedurele aard zijn. Het is de vraag of dat hier wel het geval is en er feitelijk toch niet sprake is van een selectie-instrument. Het geeft te denken dat het advies niet bindend is – zelfs al concluderen ze dat je totaal ongeschikt bent – maar de deelname aan de bijeenkomst wél.”

Aankomende studenten kunnen volgens Huisman niet zomaar geweigerd worden: “Het recht op inschrijving is heel sterk. Dat is wel gebleken uit verschillende zaken die bij het College van beroep voor het hoger onderwijs hebben gediend. Zo was er in 2009 een zaak rond een student die stennis had geschopt, waarna hem de toegang tot het universiteitsterrein werd ontzegd. Toen hij zich een paar jaar later opnieuw wilde inschrijven werd dat geweigerd, maar het College van beroep achtte dat in strijd met de wet.”

In totaal zijn zo’n vijftien studiekiezers door Utrecht geweerd tijdens de pilotfase. Vijf van hen omdat ze verstek lieten gaan bij de verplichte matchingsbijeenkomst die de opleiding in augustus organiseerde. En naar schatting tien studenten omdat ze zich te laat hadden aangemeld voor de bijeenkomst en niet meer konden deelnemen.

Is studenten weigeren omdat ze niet meedoen aan matching onwettig? Onderstaand de reactie van Anton van der Hoeven, jurist van de Universiteit Utrecht:

"De Universiteit Utrecht heeft de aanmelddatum van 1 mei en de verplichte deelname aan de matching opgenomen in de procedureregels voor inschrijving. Voorwaarde voor inschrijving is dat de student de procedureregels inschrijving in acht neemt: de student moet aan de procedurele verplichtingen voldoen."

"In de toelichting bij de wetsbepaling over de procedureregels staat: ‘De inschrijvingsprocedure wordt door het instellingsbestuur zelf geregeld. Het gaat daarbij om zaken als de termijn waarbinnen het verzoek om inschrijving moet worden ingediend, de vereisten waaraan dat verzoek moet voldoen, enz.' Hierbinnen heeft de Universiteit Utrecht het matchingstraject dus geregeld."

"Het voorschrift in onze procedureregels dat het verzoek om inschrijving ingediend moet worden voor 1 mei is een letterlijke invulling van hetgeen de toelichting aangeeft. Het deelnemen aan de matchingsprocedure is een ander voorbeeld van een procedurevoorschrift. Aan studenten die verhinderd waren op het tijdstip dat de matchingsactiviteit plaatsvond, worden altijd alternatieve mogelijkheden geboden."

"Belangrijk om te vermelden is dat het geen voorwaarde is dat de student een positief advies krijgt na de matching (dat zou selectie zijn, en geen matching): ook studenten die een negatief advies krijgen, kunnen er voor kiezen toch in te schrijven."

Facebook Twitter Whatsapp Mail