Interactief experimenteren op wereldwiskundetentoonstelling

Body: 

De wiskunde kan wel een steuntje in de rug gebruiken. De miljoenententoonstelling Imaginary, de grootste rondreizende voorstelling over wiskunde ooit, moet helpen het imago van de mathematiek op te krikken. De tentoonstelling is nu na Eindhoven, Enschede en Amsterdam ook in Utrecht te zien. 

De wiskunde kan wel een steuntje in de rug gebruiken. De miljoenententoonstelling Imaginary, de grootste rondreizende voorstelling over wiskunde ooit, moet helpen het imago van de mathematiek op te krikken. De tentoonstelling is nu na Eindhoven, Enschede en Amsterdam ook in Utrecht te zien. 

Tot nu toe deed Imaginary al 29 landen aan, van Oeganda tot Uruguay. Je waant je in de tentoonstelling eerder in een kunstgalerij dan bij wetenschap. Met oogstrelende plaatjes en sprankelende films, interactieve experimenten en populaire lezingen van Utrechtse wiskundigen zoals Rob Bisseling, Frits Beukers, Martin Kool, Abe Wits, Jan Hogendijk en Ferdinand Verhulst, wordt een poging gedaan de bezoeker de kracht, breedte en schoonheid van de wiskunde te laten ervaren.

“Uit wiskundig onderzoek komt vaak pure schoonheid voort”, licht de Utrechtse wiskundige Martin Kool toe. Kool, die zelf de laatste jaren werkte in Oxford en aan het Imperial College, vindt het bijvoorbeeld merkwaardig dat in Nederland zo weinig kunstenaars de weg hebben gevonden naar de wiskunde. “In Engeland werken kunstenaars op zoek naar beeldende vormen zelfs op de universiteit samen met wiskundigen.”

De tentoonstelling wordt mogelijk gemaakt door het nieuwe softwareprogramma Surfer . Dit eenvoudig te gebruiken programma is in staat soepel de stap van formule naar afbeelding te zetten. Want bij elke figuur, of het nu een distel of een zeepaardje is, hoort een wiskundige formule. Met Surfer slaagde het zestienjarige Duitse supertalent Valentina Galata er bijvoorbeeld in een formule van een theepot met een suikerklontje te achterhalen.

Het is op Imaginary mogelijk interactief te experimenteren met wiskunde. Op een joekel van een touchscreen kun je onderzoeken hoe de aswolk van een vulkaanuitbarsting zich verspreidt. Je kunt swipen vanwaar de wind waait en direct de gevolgen daarvan overzien. Ook mag je zelf de grootte van de armen en benen van een robot uitkiezen. Je kunt dan ervaren hoe geschikt je eigen robot is voor een bepaald hindernissenparcours.

De wereldwiskundetentoonstelling bereikte Nederland na overdonderend succes in Vlaanderen. Platform Wiskunde Nederland, een vereniging die lobbyt voor de wiskunde, besloot toen ook toe te happen. "We willen immers begrip kweken voor ons vak en er de kunstzinnigheid van laten zien", aldus haar voorzitter Wil Schilders van de Technische universiteit Eindhoven.

Het blijft behelpen met het imago van het vak wiskunde. Na een dieptepunt in 2002 is er een klein beetje licht aan het eind van de tunnel. Het aantal studenten wiskunde in Nederland is de laatste jaren fors aangetrokken.

Die impopulariteit is overigens wel van relatief recente datum. Pas in het interbellum merkten intellectuelen voor het eerst een 'anti-mathematisch' sentiment op onder bredere lagen van de bevolking. Dat uitte zich onder andere in nieuwe leergangen in het middelbaar onderwijs waarbij steeds minder aandacht werd besteed aan wiskunde, zoals de HBS-A. Eerder was Nederland juist trots op de wiskunde. Sinds de Gouden Eeuw hoorde een wiskundige beschouwingswijze bij het elan van de Republiek. Prins Maurits bezat in de persoon van Simon Stevin een eigen persoonlijke wiskundige adviseur bij staatszaken uiteenlopend van oorlog voeren tot het beheer van zijn staatskist.

Martin Kool hoopt dat de expositie kan bijdragen aan een beter imago voor de wiskunde. “In Engeland zie je ontzag en waardering op het gezicht van iemand als je vertelt dat je wiskunde doet, dan zul je het immers wel gaan redden in de financiële sector in Londen. In Nederland zie je juist tekenen van afschuw. De tentoonstelling kan dat misschien een beetje helpen veranderen.”

De wiskundetentoonstelling zal vanaf 6 februari dagelijks van 9.00 tot 18.00 te zien zijn in het stadkantoor en is gratis. Schoolklassen die de tentoonstelling aandoen, zullen allen een persoonlijke rondleiding krijgen van een Utrechtse wiskundestudent.

Facebook Twitter Whatsapp Mail