Zo zag de toegang tot cultuurcentrum Parnassos eruit. In het artikel zie je welke metamorfose er heeft plaatsgevonden. Foto's: UU

Ruim anderhalf miljoen voor verbeteren toegankelijkheid binnenstadspanden

Body: 

De UU trekt de komende jaren 1,6 miljoen euro uit om de gebouwen in de binnenstad toegankelijker te maken voor studenten en medewerkers met een functiebeperking. Vooral de Universiteitsbibliotheek wordt flink onder handen genomen. Over anderhalf jaar moeten de werkzaamheden klaar zijn.

Read in English

Het gaat bij de nieuwe investeringen om tal van kleine ingrepen in zo’n 17 gebouwen, onder meer aan de Drift, Trans en Janskerkhof. Het betreft vooral onderwijslocaties. Voorbeelden van aanpassingen zijn het automatiseren van (brand-)deuren, het wegnemen van drempels en het aanbrengen van markeringen.

Vooral in de Universiteitsbibliotheek in de binnenstad en in het pand van Bestuurs- & Organisatiewetenschap aan de Bijlhouwerstraat staat veel te gebeuren. Voor beide panden is drie ton uitgetrokken. Bij de UB gaat het onder meer om het automatiseren van de zware toegangsdeuren op het binnenplein.

Grootschaligere ingrepen zoals het aanbrengen van liften worden niet uit dit budget betaald. Die worden meegenomen in de renovatieprojecten die op stapel staan, bijvoorbeeld voor het nieuwe onderwijscluster Achter de Dom en het vernieuwde rechtenpand Achter St. Pieter.

Aanpak toegankelijkheid
Mede naar aanleiding van klachten en ontevredenheid van studenten met een beperking over de moeizame toegankelijkheid van het UU-onderwijs, kwam de UU enkele jaren geleden in actie. Er kwam meer aandacht voor de communicatie met de betrokken studenten, voor specifieke voorzieningen voor deze groep en ook voor de fysieke toegankelijkheid van gebouwen. Een artikel van DUB over een student die grote problemen ervaarde en onder meer om die reden stopte met haar studie, was daarbij een extra motivatie.

In 2018 tekende de UU samen net als andere universitaire instellingen de intentieverklaring Toegankelijkheid Hoger Onderwijs. Het UU-programma Equality, Diversity & Inclusion is nadrukkelijk aan de slag gegaan met het vergroten van de toegankelijkheid van het Utrechtse onderwijs en de werkomgeving. De universiteit moet ook voor deze groep studenten inclusief zijn, is daarbij het uitgangspunt.

Bij de verbouw en nieuwbouw van universitaire panden wordt nu behalve met de internationaal geldende standaard voor de toegankelijkheid van de gebouwen en specifieke UU-uitgangspunten (bijvoorbeeld speciale tentamenvoorzieningen) ook rekening gehouden met input van de bezoekers van de gebouwen.

Om zicht te krijgen op de belemmeringen die studenten en medewerkers ondervinden in de UU-gebouwen werden gesprekken gevoerd met ervaringsdeskundigen. Daarnaast voerden studentleden van het Platform Onbeperkt Studeren tussen 2019 en 2021 zogenoemde gebruikerstoetsen uit in ruim vijftig gebouwen van zowel de binnenstad als het Utrecht Science Park.

Verder kwam er onder meer een overzicht op internet van alle gebouwen en de daar aanwezig voorzieningen, zodat studenten en medewerkers weten wat ze in elk pand kunnen verwachten.

Behalve de genoemde gestructureerde aanpak om knelpunten aan te pakken, wordt volgens projectmanager Jan-Willem Moerkerk ook actie ondernomen als er nieuwe verzoeken komen. “Dan kan het bijvoorbeeld gaan om nieuwe studenten of collega’s die vanwege hun fysieke beperking specifieke voorzieningen nodig hebben. Uitgangspunt is dan dat we het gesprek aangaan en tot een oplossing proberen te komen.”

Extra investeringen
Naar aanleiding van de bevindingen werden in de afgelopen jaren al gebouwen aangepast. Zo werd de entree van het De Wiedgebouw en het Academiegebouw verbeterd. Ook kwamen rolstoelplaatsen in de collegezalen van het Ruppertgebouw en de Bolognalaan. In het Minnaert- en Koningsberger- en Buys Ballotgebouw vonden eveneens werkzaamheden plaats, variërend van het aanpassen van de vloeren tot het ophangen van andere toiletrolhouders.

Deze ingrepen werden tot nu toe betaald uit het onderhoudsbudget, maar de situatie in de binnenstad waar veel gebouwen een monumentale status hebben, is complexer. Daarom zijn extra investeringen noodzakelijk. Daarmee ging het universiteitsbestuur in november akkoord, zo staat in een nota die eind vorig jaar naar de U-raad ging.

De aanpassingen moeten het komende anderhalf jaar worden doorgevoerd. Daarna is waarschijnlijk de international campus aan de beurt en zal er nog een verbeterslag in het Utrecht Science Park worden uitgevoerd. Daarvoor moet nog extra geld worden aangevraagd.

Tekst gaat verder onder kader:

Vorig jaar werd de ingang van cultuurcentrum Parnassos al aangepakt. In twee foto's de metamorfose. Foto's: UU

Voor: 
parnassosvoor.jpgNa:
parnassosna.jpg

Goed op weg
Volgens projectmanager Jan-Willem Moerkerk heeft de UU de afgelopen jaren al veel in gang gezet en loopt de UU met haar aanpak voor op andere universiteiten. De meeste onderwijsgebouwen zijn volgens hem straks goed toegankelijk, met een goede entree en een lift, maar er blijven obstakels. “Niet alles gaat zo snel als we zouden willen en er is nog steeds veel te doen.”

Moerkerk benadrukt bovendien dat de universiteit zich niet uitsluitend moet richten aaop het rolstoelvriendelijk maken van gebouwen. “Je moet bij de inrichting van de panden ook denken aan mensen met bijvoorbeeld een visuele of cognitieve beperking.”

Daarnaast kunnen de omstandigheden veranderen voor studenten en medewerkers waardoor er nieuwe knelpunten ontstaan. Moerkerk noemt als voorbeeld de omslag naar ‘activiteit gerelateerd werken’. “Iemand die gebaat is bij een eigen werkplek heeft daar in de nieuwe situatie niet altijd de beschikking over en zal dat dan kenbaar moeten maken. Maar dat kan die persoon weer als belastend ervaren.”

De projectmanager meent dat de universitaire organisatie steeds beter weet om te gaan met studenten en docenten met specifieke behoeften. “Maar er is nog steeds verbetering mogelijk. Hoe flexibel ben je als individuele studenten en docenten bij je aankloppen omdat ze iets nodig hebben? De ambitie zou moeten zijn om zoveel mogelijk tegemoet te komen aan die wensen, en liefst ook zo snel mogelijk.”

Nieuw platform: ‘Het kan ambitieuzer’

Het nieuwe landelijke platform Accessible Academia laat bij monde van UU-promovendus Maranke Wieringa weten “erg blij te zijn met de aandacht en geldelijke commitment voor meer toegankelijkheid”. Toch maakt Wieringa ook een aantal kanttekeningen bij de UU-nota. Een deel daarvan kwam ook al aan bod in een interview eerder deze week op DUB.

Accessible Academia is volgens de promovendus zeer te spreken over de ingrepen die de toegankelijkheid van gebouwen moeten verbeteren, maar het kan ambitieuzer. “Andere universiteiten werken met een systeem waarbij toegang tot liften en deuren op een campus- of studentenkaart gezet kan worden. Het zou bijvoorbeeld mooi zijn als de plateaulift van Drift 25 en de achteringangen van Janskerkhof 2-3 op zo’n systeem gezet worden. Dan is de tussenkomst van de portier niet langer nodig.”

Wieringa meldt verder dat de nota een te rooskleurig beeld schetst van de mogelijkheden om onderwijs om te roosteren als knelpunten niet kunnen worden opgelost. De promovendus put daarbij uit eigen ervaring als docent die gebruik maakt van een rolstoel. “Er is op dit moment geen overkoepelend systeem voor roosteraars waarin zij al dit soort informatie over zalen en de behoeften van studenten en docenten kunnen inzien. Als een cursus opeens door een andere roosteraar ingepland wordt, betekent dat dat ik alle gesprekken over wat wel en niet 'toegankelijk' is opnieuw moet doen.”

Hoewel Wieringa de inventarisatie van het Platform Onbeperkt Studeren een mooie basis vindt voor de maatregelen, schiet deze op sommige punten tekort voor specifieke groepen. Zo komen niet alle ervaringen van docenten terug. “Er is enkel gekeken of iemand een ruimte kan betreden, maar bijvoorbeeld niet of iedereen ook bij het bord kan komen.”
Hoewel die laatste klacht kenbaar is gemaakt, is het Wieringa niet duidelijk of die ook is meegenomen in het nieuwe plan. Volgens Moerkerk hebben deze klachten vooral betrekking op de relatief krappe ruimten in de binnenstad. Naar aanleiding van de opmerkingen van Wieringa is in kaart gebracht op welke zalen dit van toepassing is, zodat roosteraars er rekening mee kunnen houden. Aanpassingen om het probleem op te lossen zijn geen onderdeel van het nieuwe plan.  

 

 

 

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail