Verenigingscultuur studenten is nu nationaal erfgoed

Body: 

Borrelen, ontgroenen, de mores op de sociëteit… De cultuur van studentenverenigingen is nu officieel erkend als immaterieel cultureel erfgoed van het koninkrijk Nederland.

Borrelen, ontgroenen, de mores op de sociëteit… De cultuur van studentenverenigingen is nu officieel erkend als immaterieel cultureel erfgoed van het koninkrijk Nederland.

Niet alleen kunst en gebouwen zijn het waard om bewaard te blijven voor komende generaties, is de gedachte achter de Nationale inventaris van cultureel erfgoed. Er zijn ook tradities die we moeten beschermen.

Op de lijst van immaterieel erfgoed staan onder meer de Indische rijsttafel, het metworstrennen in Boxmeer en het Sinterklaasfeest. Ook de studentenroeiwedstrijd Varsity prijkt ertussen. De lijst wordt gecoördineerd door het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed. Een selectie van de lijst zal door Nederland voorgedragen worden voor opname op de UNESCO-lijst voor immaterieel erfgoed

Daar hoort de cultuur van Nederlandse studentenverenigingen bij, vond de Landelijke Kamer van Verenigingen, die 48 studentenverenigingen in twaalf universiteitssteden vertegenwoordigt. Zij diende een aanvraag in en maakte een plan voor het doorgeven van de cultuur aan volgende generaties.

De  aanvraag is goedgekeurd. Sommige verenigingen hebben een geschiedenis van tweehonderd jaar, andere zijn van recenter datum, maar in alle verenigingen geven ouderejaars de normen en waarden door aan nieuwe leden.

De traditie kent vele vormen, want verenigingen zijn allemaal anders. De Nationale inventaris noemt in een persbericht onder meer “het met regelmaat borrelen, de mores en de ontgroening”, maar ook het stimuleren van zelfontplooiing van de leden behoort tot de tradities.

De verenigingen organiseren veel activiteiten voor de eigen leden, maar hebben vaak ook oog voor de stad. Denk bijvoorbeeld aan de Maskerade die het USC dit voorjaar organiseerde (zie filmpje) of het benefietgala van Veritas in juni.

De LKvV legt dan ook de nadruk op de mogelijkheden tot zelfontwikkeling (“organiseren, leidinggeven en verantwoordelijkheid dragen”) en de levenslange vriendschappen die er ontstaan.

De Leidse wetenschapper Max van Duijn doet al drie jaar onderzoek naar studentenverenigingen. In landen als België, Engeland en Amerika heb je ook wel studentenverenigingen, maar die zijn volgens Van Duijn, niet te vergelijken met die in Nederland. Tegen NOS op 3 zei hij: "In Amerika zijn het toch vooral clubjes kwajongens die hun eigen regels maken, terwijl de verenigingen in Nederland meer in lijn van een traditie staan. De verenigingen zijn hier echt al heel oud en de tradities worden van generatie op generatie overgedragen. Al zijn er natuurlijk ook gebruiken die verdwijnen als ze niet meer voldoen, zoals bij de ontgroening."

Een andere unieke eigenschap van studentenverenigingen is volgens Van Duijn de manier waarop er banden gesmeed worden. Bij de introductie kom je in een snelkookpan terecht waar in korte termijn vriendschap gecreëerd wordt. "Je krijgt er eigenlijk een familie bij. Je doet dingen die je ook met je broer en zus zou doen, bijvoorbeeld eten en gezamenlijke activiteiten."

Reinier van Doorn, de nieuwe rector van het Utrechtsch Studenten Corps, vindt het heel goed dat het verenigingsleven in de lijst van het immaterieel cultureel erfgoed is opgenomen. “Het is een waardering voor de bijzondere traditie van de studentenvereniging.”

Hij vindt ook het krijgen voor vrienden van het leven een bijzondere eigenschap van de studentenvereniging. “Bij ons lustrum afgelopen zomer kwamen wel duizenden reünisten. Dan ervaar je de kracht van de vereniging.”

Reinier herkent ook de beschrijving van Max van Duijn dat de kennismakingstijd een snelkookpan is. “Je leert elkaar en de vereniging in een korte tijd heel intensief kennen. Dat gaat gepaard met een zekere geheimzinnigheid en mystiek. Dat doen we bewust. Jij hebt iets als student meegemaakt wat anderen niet hebben ervaren. En dat schept een band.”

Bij veel verenigingen, zoals ook bij het USC, zit iedereen in een jaarclub. “Dat is de basis. Je doet met die groep veel gemeenschappelijk. Je eet iedere week een keer samen, je gaat samen op vakantie en je ziet dus ook dat die contacten tot ver na de studie behouden blijven.” 

De cultuur staat onder druk doordat studenten sneller hun diploma moeten behalen en studeren duurder is geworden, meent voorzitter Ruben Hoekman van de LKvV: “Het aantal studenten in het hoger onderwijs is verveelvoudigd, de ambities zijn verhoogd, de studievereisten zijn scherper en de basisbeurs is vervangen door een schuldenstelsel.”

Dat de studentenverenigingscultuur nu aan de Nationale inventaris immaterieel cultureel erfgoed is toegevoegd, noemt de LKvV “een extra steuntje in de rug” voor het verenigingsleven.

Facebook Twitter Whatsapp Mail