UU neemt in 2015 meer tijdelijk personeel aan

Body: 

De afspraak in de huidige CAO NU dat de universiteit het aantal tijdelijke wetenschappelijke medewerkers terugbrengt tot 22 procent is niet gehaald. Het percentage is dit jaar juist gestegen van 27 naar ruim 30 procent.

De afspraak in de huidige CAO NU dat de universiteit het aantal tijdelijke wetenschappelijke medewerkers terugbrengt tot 22 procent is niet gehaald. Het percentage is dit jaar juist gestegen van 27 naar ruim 30 procent.

Met de ondertekening van de CAO NU heeft de universiteit beloofd zich in te spannen om het aantal tijdelijke medewerkers in de categorieën  hoogleraren, universitair hoofddocenten, universitaire docenten en docenten terug te dringen. Uit de cijfers in de derde kwartaalrapportage blijkt eerder een tegenovergesteld beeld.

Het percentage tijdelijke medewerkers in deze categorieën neemt juist toe. Vooral bij de faculteiten Sociale wetenschappen, Geesteswetenschappen en Rebo is die stijging spectaculair te noemen.

Toch is hier sprake van een paradox. In totaal is er veel meer personeel bijgekomen. Bij het wetenschappelijk personeel zie je bij de bovengenoemde faculteiten een behoorlijke stijging in 2015. De groei is bij Sociale wetenschappen 31 fte, Geesteswetenschappen 24fte, en Rebo 14fte.

Bij deze onderwijsrijke faculteiten bestaat het nieuwe personeel voor een groot deel uit docenten, aangesteld met extra geld van de universiteit om Kleinschalig Intensief Onderwijs mogelijk te maken en de werkdruk te verlagen.

“Als je nieuwe mensen aanstelt, krijgen ze niet direct een vaste aanstelling”, legt collegevoorzitter Marjan Oudeman uit bij de commissievergadering van de universiteitsraad. “Een deel ervan is aangesteld met de aantekening dat een vaste aanstelling op termijn mogelijk is.”

De collegevoorzitter verwacht dat na verloop van tijd een omslag zal komen zodat het percentage tijdelijke medewerkers weer zal dalen. Ze wil zich alleen niet vastleggen op een termijn. Ze denkt dat het nog wel een paar jaar zal duren.

“Voorwaarde bij een vaste aanstelling is namelijk wel dat de docenten aan de UU-eisen moeten voldoen. “ Als voorbeeld wordt genoemd dat er ook een aantal docenten zijn zonder onderzoekstijd.  Die krijgen volgens de huidige UU-richtlijnen geen vaste aanstelling. 

Facebook Twitter Whatsapp Mail