Demotivatiebrieven leiden tot heftige discussie over master

Body: 

Démotivatiebrieven. Het is weer eens wat nieuws. Student Geesteswetenschappen Emile Fokkema zorgt voor opschudding bij zijn masteropleiding.

Alsof je gezellig een biertje drinkt en een praatje maakt met een groep theologen om vervolgens vol verachting te worden weggewuifd als je het bestaan van engelen betwijfelt. Zo omschrijft Emile Fokkema de wijze waarop zijn masteropleiding Comparative Literary Studies omgaat met haar studenten.

Démotivatiebrieven. Het is weer eens wat nieuws. Student Geesteswetenschappen Emile Fokkema zorgt voor opschudding bij zijn masteropleiding.

Alsof je gezellig een biertje drinkt en een praatje maakt met een groep theologen om vervolgens vol verachting te worden weggewuifd als je het bestaan van engelen betwijfelt. Zo omschrijft Emile Fokkema de wijze waarop zijn masteropleiding Comparative Literary Studies omgaat met haar studenten.

Het verwijt staat in een ‘tweede demotivatiebrief’ die deze week op de site van faculteitsmagazine Geestdrift verscheen. Vorig maand publiceerde de masterstudent al een eerste demotivatiebrief. De student hekelde daarin zijn masteropleiding die van te voren vaststelt waarover en hoe er moet worden gediscussieerd. De invalshoek wordt volgens hem bepaald door wat er nu net in de mode is. “Het is déze discussie of geen discussie: een meta-positie wordt als arrogant terzijde geschoven. Wil je het vak halen? Praat dan mee, ook als het nergens over gaat.”

De brief trok de aandacht van het nieuwsblog The PostOnline. Dat ging ermee aan de haal onder de kop: ‘Volg geen literatuur researchmaster aan de UU’. De coördinator van de masteropleiding, hoogleraar Ann Rigney, vroeg studenten daarop via Blackboard of de kritiek werd herkend. Zo ja, of ze dit dan zo snel mogelijk aan haar wilde laten weten. Zo nee, of ze dan de negatieve beeldvorming publiekelijk zouden willen tegenspreken.

Of het nu kwam door deze oproep of niet: Emile Fokkema kreeg behoorlijk wat over zich heen van studenten en ex-studenten van de masteropleiding. Zijn argumentatie wordt in de comments op zijn eerste brief aangevallen en kwalificaties als “lafheid” zijn niet van de lucht. “Wat hij beschrijft als een wanstaltig meelopen met de mode noem ik gewoon een curriculum”, zegt een recent afgestudeerde. Een andere reactie luidt: “Ach ja, elk bedrijf heeft ze wel, van die schreeuwers die altijd maar vinden dat het anders moet en vervolgens te lui zijn om in de ondernemingsraad te gaan.”

Ann Rigney mailt aan DUB: “De talrijke reacties die ik persoonlijk of via Geestdrift heb gezien hebben mij overtuigd dat de Research Master onder de studenten op grote en brede waardering kan bogen, en dat deze helaas gedemotiveerde student in zijn demotivering alleen staat.”

In zijn tweede demotivatiebrief reageert Fokkema op de verontwaardigde reacties. Hij vergelijkt de lesstof van de master met de haarkloverij van de middeleeuwse theologen die er spottend van werden beticht vooral te discussiëren over vragen als: hoeveel engelen er op de punt van een naald kunnen dansen.  

Fokkema (saillant detail: de bekende Utrechtse hoogleraar Literatuurwetenschap Douwe Fokkema was zijn oud-oom) besluit met: “Als je de zin van de discussie betwijfelt wordt dat gezien als een gebrek aan respect ... Maar kunnen we niet gewoon bier blijven drinken zonder ons druk te maken over respect?”

Facebook Twitter Whatsapp Mail