Tim de Winkel, tweede van rechts. Foto: Ivar pel

Actiegroep 0.7 wil onbetaald overwerk universiteiten halt toeroepen

Body: 

Ongevraagd krijgen docenten met een deeltijdcontract er vele uren onbetaald overwerk bij. Bovendien is verlenging van het contract onzeker en ontbreekt toekomstperspectief. Dat zegt UU-promovendus bij de faculteit Geesteswetenschappen Tim de Winkel. Hij is één van de oprichters van actiegroep 0.7 die wil dat universiteiten een einde maken aan “de exploitatie van deze werknemers”.

Read in English

De landelijke actiegroep 0.7 is opgericht door een groep promovendi en tijdelijke docenten die pleit voor een eerlijke werkomgeving voor flexwerkers aan universiteiten. De actiegroep ontstond tijdens de coronacrisis omdat er behoefte was aan meer duidelijkheid over promotietrajecten en verlenging van tijdelijke contracten. Onder de naam Vakbond trok De Winkel samen met 24 gelijkgestemden van de UU hierover aan de bel bij het universiteitsbestuur.

Maar de echte trigger om de actiegroep op te richten was voor De Winkel toen de Vakbond om hulp werd gevraagd bij een #MeToo-affaire. Daardoor zag hij dat er systematisch iets mis is op universiteiten. “Als je melding maakt van wangedrag, willen ze het altijd informeel oplossen. Dat lijkt misschien een goede manier, maar je moet afspraken maken met mensen waar je afhankelijk van bent. Dat is geen gelijkwaardige positie en dat is precies het probleem. Niet alleen bij #MeToo-affaires, maar ook bij kwesties rondom promotietrajecten en contractverleningen van tijdelijk docenten.”  

Tim de Winkel, tweede van rechts. Foto: Ivar Pel

Sociale onveiligheid, overwerk, tijdelijke contracten
Inmiddels telt 0.7 ongeveer tweehonderd actieve leden die werkzaam zijn bij verschillende universiteiten. Het zijn voornamelijk promovendi en jonge docenten met een tijdelijk contract die zich nu richten op vier grote problemen: de hoeveelheid overwerk, de tijdelijke contracten voor structureel werk, het gebrek aan toekomstperspectief en sociale onveiligheid.

“Eén van de grootste problemen binnen de universiteit is de hiërarchie. Om carrière te kunnen maken ben je afhankelijk van bijvoorbeeld je promotor of je leidinggevende. Elke afhankelijkheidsrelatie kan leiden tot (seksuele) intimidatie en exploitatie. De oorzaak is deels te wijten aan de al jaren durende structurele onderfinanciering van het wetenschappelijk onderwijs. Universiteiten komen jaarlijks 1,1 miljard euro tekort, blijkt uit onderzoek van accountantsbureau PricewaterhouseCoopers. “Dat zorgt ervoor dat er veel competitie is om dat geld en dat kan een normale arbeidsrelatie in de weg staan.”

De enorme financiële tekorten en de eisen voor hoge prestaties en vele publicaties gaan volgens De Winkel slecht samen. “Er is een trickle down-effect ontstaan dat eindigt bij promovendi en docenten met een tijdelijk contract. Problemen als docenttekorten worden naar beneden doorgeschoven. En daarover klagen is vrijwel onmogelijk. Hoe kun je ‘nee’ zeggen tegen je leidinggevende als diezelfde leidinggevende ook bepaalt of jij een nieuw contract krijgt?”

Om de arbeidsverhoudingen te normaliseren vindt De Winkel dat het extra geld er moet komen hoewel hij er geen vertrouwen meer in heeft dat het nieuwe kabinet de portemonnee trekt. “Ik verwacht echt niet dat de VVD en D66 nu wel gaan zorgen voor goed onderwijs.”  Ook wil 0.7 dat de manier waarop verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid is geregeld, moet veranderen. “Dat kan bijvoorbeeld door te zorgen dat je direct leidinggevende niet degene is, van wie je voor je toekomst afhankelijk bent. Maar ook door onafhankelijk toezicht van buiten de universiteit en door anoniem te kunnen klagen.”

Ondeugdelijke contracten
Alles waar 0.7 nu voor strijdt, speelt al jaren, zegt De Winkel. Daarom is het opvallend dat zoveel mensen het overwerk en de onzekerheid accepteren. Volgens De Winkel is er bij veel beginnende promovendi en docenten onwetendheid hierover. “Als je de kans krijgt om op een universiteit te gaan werken, voel je je speciaal. Zeker jongeren zijn enthousiaste hemelbestormers, ze werken ontzettend hard en hopen via een baan als tijdelijk docent een promotieplek te verwerven. Na gemiddeld twee jaar hebben mensen pas door dat het niet zo werkt en daarom moet al aan het begin een eerlijk verhaal worden verteld.”

0.7 staat waar mogelijk nieuwkomers bij tijdens hun eerste gesprekken en kaarten ondeugdelijke contracten aan bij de HR-afdeling of onderwijsdirecteur. Het gaat dan bijvoorbeeld om oneerlijke inschaling of een onredelijke verdeling van de uren uitgesmeerd over een heel jaar. “We werken bottom up om verandering te bereiken. We willen dat het probleem van de werkgever niet langer ons probleem is. We zijn dus constant bezig om een probleem een laag hoger neer te leggen. Niet om met de vinger te wijzen, maar om mensen bewust te maken dat we dit gezamenlijk moeten aanpakken. Juist omdat we de kwaliteit van onderwijs en onderzoek belangrijk vinden.”

Structureel onbetaald overwerk
Wat 0.7 bovenal wil, is dat universiteiten zich houden aan de cao. “Universiteiten zeggen te werken aan betere contracten, maar ik zie vooral dat ze proberen onder cao-afspraken uit te komen. Een tijdelijk docent wordt na drie contracten weggestuurd, om vervolgens te worden vervangen door een nieuwe tijdelijk docent die exact hetzelfde vak geeft. Kortom structureel werk wordt gedaan door tijdelijke werknemers en dat mag niet eens.” Dat universiteiten rekening willen houden met onzekere studentaantallen, noemt De Winkel onzin. “De studentaantallen groeien al jaren. Natuurlijk snappen we dat een flexibele schil nodig is voor de opvang van ‘piek en ziek’. Daar zijn wij ook helemaal niet tegen. Maar dat bijvoorbeeld de Universiteit Utrecht een flexibele schil heeft van 90 procent voor docenten zonder onderzoekstijd, zoals blijkt uit onderzoek van het Rathenau Instituut? Dat is geen schil, dat is beleid.”

Dat de UU zegt dat mensen niet altijd een aanstelling van 0,7 fte willen, is volgens De Winkel een pertinente leugen. “Universiteiten geven geen solide contracten omdat het hen niet past. Zij weten heel goed dat iemand dan binnen een jaar thuiszit met een burn-out.” Volgens de Winkel is een contract van 0.7 fte feitelijk een fulltime contract. “Ons netwerk heet 0.7 omdat dit gelijk staat aan een voltijdbaan. Als je een contract hebt van 0.5 of 0.7 fte dan zijn er geen uren over om er een andere baan naast te hebben. Je taken passen namelijk niet in de voorgeschreven uren waardoor je voortdurend gratis overwerkt. Daardoor heb je ook geen ruimte om te solliciteren of beurzen aan te vragen. En die heb je wel nodig om door te kunnen groeien in de wetenschap. Vergis je niet, ook gepromoveerden worden geregeld afgescheept met een tijdelijk deeltijdcontract.”

WOinActie. Foto: DUB

Radicale keuzes
Inmiddels werkt 0.7 samen met vakbonden, WOinActie en Casual Academy om alle problemen aan te pakken. Tegelijkertijd roept 0.7 net als bij de opening van het Academisch jaar iedereen op zich te verzetten als er iets niet klopt. “Of je nu werknemer of leidinggevende bent: zie je onrechtmatige situaties als uitbuiting en discriminatie, doe dan wat. Kaart het aan, weiger eraan mee te werken. Je kunt niet WOinActie steunen en ondertussen gewoon doorgaan met het afgeven van ondeugdelijke contracten.”

0.7 verwacht dat de Vereniging Nederlandse Universiteiten (VSNU) opkomt voor de belangen van universiteiten én hun werknemers. “Als dat niet lukt, maak dan keuzes die passen bij de realiteit. Stel bijvoorbeeld een numerus fixus in. Beperk het aantal studenten zodat de kwaliteit van onderwijs weer omhoog kan of maak de semesters korter.”

Meerdere Colleges van Bestuur (CvB’s), waaronder die van de Universiteit Utrecht, kregen van 0.7 en Casual Academy het al lopende ultimatum toegestuurd. De aftelklok, die is gestart bij de opening van het Academisch Jaar, loopt af op 20 december. Dan moeten de CvB’s een serieus en concreet plan hebben om zoals 0,7 dat zegt ‘exploitatie van werknemers aan de universiteit tegen te gaan’. Ligt dat er niet dan volgen er op Valentijnsdag acties. “Verwacht geen ludieke acties”, verzekert De Winkel, “we gaan echt zand in de molen gooien.” Hij hoopt dat het niet zover zal komen, maar bijvoorbeeld het bezetten van universiteitsgebouwen of het stoppen met het nakijken van toetsen behoort tot de mogelijkheden.”

De Winkel realiseert zich dat zijn lidmaatschap voor 0.7 risico’s met zich meebrengt. “Natuurlijk maak ik me zorgen over mijn carrière. Er zijn voorbeelden van collega’s die niet meer bij de Universiteit Utrecht werken, omdat ze onaangenaam werden gevonden. Dus ik weet dat ik een risico neem, maar ik ben man en ik ben wit en daardoor in een betere positie om hier iets aan te doen. Ik snap namelijk echt niet waarom universiteiten zo omgaan met talent. Het is pure verspilling dat ten koste gaat van mensen en de kwaliteit van onderzoek en onderwijs. Het moet en kan anders en daar strijd ik voor.”

Reactie College van Bestuur op de kritiek van actiegroep 0.7
"Tim de Winkel van de actiegroep 0.7 pleit in dit artikel voor het samen aanpakken van werkdruk en sociale veiligheid binnen de academie. Daar zijn we het helemaal mee eens, en daarbij hebben wij als College van Bestuur natuurlijk een speciale verantwoordelijkheid. Mensen moeten kritiek kunnen hebben zonder angst voor repercussies. We willen een cultuur waarbij zaken besproken kunnen worden. Als het niet lukt of mogelijk is om in overleg een oplossing te vinden, kan gebruik gemaakt worden van de formele procedures. Om de veiligheid te garanderen, werken we aan een plan  aanpak sociale veiligheid, met bijvoorbeeld de Mindlabvoorstellingen en wordt de hele klacht- en meldprocedure herijkt. Een klankbordgroep van de UR kijkt hierbij mee.

"Het tweede grote thema dat Tim aansnijdt, is werkdruk en in het bijzonder de positie van tijdelijke docenten. Hij geeft zelf aan dat de hoge werkdruk deels samenhangt met de structurele onderfinanciering vanuit de Rijksoverheid. We hopen dat het nieuwe kabinet over de brug komt. Dat is cruciaal.

"Maar daarnaast moet en wil de universiteit ook zélf zaken anders aanpakken. We willen zoveel mogelijk mensen aannemen in vaste dienst. Tijdelijke docenten moeten minimaal een contract van 0,7 fte krijgen (inclusief 10 procent fte ontwikkeltijd) en een contract voor vier jaar. Dat ons dit nog niet voldoende lukt, rekenen wij onszelf aan. 

"Bij de aanstellingen willen we wel aan enkele principes vasthouden. De universiteit staat voor verwevenheid van onderwijs en onderzoek. Daarom krijgt iemand alleen een vaste aanstelling als beiden gecombineerd worden (en dat geldt dus niet voor een promovendus of postdoc die alleen onderzoek doet, of een tijdelijke docent die alleen onderwijs geeft). Door de aard van de onderzoeksfinanciering, en schommelingen in studentenaantallen zal je aan een universiteit altijd een flexibele schil houden van mensen op een tijdelijk contract. Elke organisatie heeft dat voor een deel nodig.  Het kan een goede keuze zijn om een tijd aan een universiteit te werken wetende dat je je carrière daarna elders voort zal gaan zetten.

"Hoe groot die flexibele schil moet zijn, is iets waarover we de komende periode – samen met de faculteiten, medezeggenschap en met mensen zoals Tim, die deel uitmaakt van het Lokaal Overleg – gaan overleggen. Wat zijn de opties om meer mensen als universitair docent (ud) aan te stellen? Het is belangrijk ook in teams te bespreken hoe de taakbelasting is en hoe die eventueel anders kan. Belangrijk is dat mensen weten waar ze aan toe zijn, goed behandeld worden, en zoveel als mogelijk in vaste dienst zijn. 

"Daarnaast staan wij natuurlijk open voor andere suggesties om werkdruk te verlichten. Studentenaantallen hebben we maar zeer beperkt in de hand (toegankelijkheid van het hoger onderwijs is een groot goed), maar hoe we het werk invullen wel. Dus alle suggesties voor een andere invulling van het jaarrooster, of overbodige regels en bureaucratie zijn welkom."
(Ries Agterberg)
Facebook Twitter Whatsapp Mail