Foto: Ivar Pel

Coronakopstuk Heesterbeek: ‘Met risicogedrag houd je het virus aan de gang’

Body: 

Hans Heesterbeek (59) is hoogleraar theoretische epidemiologie aan de Universiteit Utrecht. Zojuist is hij begonnen aan een grootscheeps onderzoek naar het monitoren van de corona-pandemie. Hoe moeten we traceren? Welke rol speelt superverspreiding? Wat zijn de waarschuwingssignalen? Samen met een divers onderzoeksteam probeert hij een protocol op te stellen voor de toekomst.

Read in English

Hans Heesterbeek, in je onderzoek gebruik je wiskunde om aan de verspreiding van corona te rekenen. Hoe werkt dat?
"Mijn onderzoek gaat over het begrijpen van de dynamica van infectieziekten. Hoe verspreidt het virus zich in populaties? En hoe kun je met wiskunde kijken hoe het geremd wordt en waar de haardjes ontstaan? Ik werk met eigen en bestaande modellen maar ontwikkel ook nieuwe wiskundige onderzoeksmethoden.

In 1992 schreef ik mijn proefschrift over het getal R. Weet je wat dat is? Het reproductiegetal van ziekteverwekkers. Als R boven de 1 is, betekent het dat de epidemie groeit. Als het onder de 1 is, slinkt die. Dat is wat ieder land nu natuurlijk wil voor dit coronavirus. Mijn proefschrift, waarin R R0

heet, liet voor het eerst zien hoe je R voor ingewikkelde modellen kon uitrekenen. In zulke modellen worden verschillen tussen mensen of dieren meegenomen die invloed hebben op de verspreiding, zoals leeftijd, geslacht, enzovoort."

Dus je proefschrift is onwijs relevant geworden…
"Jazeker, dat is heel bijzonder. Dat het na 30 jaar zo’n maatschappelijk relevante rol is gaan spelen. Binnen het vakgebied was het al de standaard, maar nu weet zelfs mijn buurman wat het getal R is. Als de aanleiding niet zo triest was, was het eigenlijk wel grappig."

Wat kan de politiek doen met de uitkomsten van je nieuwe onderzoek?
We willen de effectiviteit van opsporing van besmettingen vergroten en beter weten hoe we moeten anticiperen en reageren op een pandemie. Als we dat weten, kan de overheid daar haar beleid op aanpassen. We begrijpen veel van hoe ziekteverwekkers zich verspreiden en gedragen, maar toch zijn er enorme gaten op het gebied van kennis van zo’n pandemie. We waarschuwen al jaren dat het kan gebeuren, maar dat het zó veel effect kan hebben op de maatschappij en economie, dat had niemand zien aankomen. Met het beter monitoren van het virus is er veel winst te behalen. Aan die dingen moet je dan rekenen. En daar heeft de overheid beleidsmatig veel aan, maar het is ook wetenschappelijk spannend.

"Daarbij ben ik plannen aan het maken voor een ander grootschalig onderzoek, wat hopelijk in januari van start gaat. Dat zal gaan over het creëren van een afwegingskader voor in de toekomst: in hoeverre kun je maatschappelijke schade en de economie een rol laten spelen in de maatregelen die de overheid neemt? Hoe kun je beter reageren als er weer een pandemie komt: welke maatregelen werken het beste en hoe kun je de maatschappelijk gevolgen verzachten? Met die vragen ben ik ook bezig.

En welke maatregel is tot nu toe het effectiefste?
Dat is heel moeilijk te zeggen, want het is lastig om de impact van de maatregelen uit elkaar te halen. Ik ben als wetenschapper heel blij met de diverse aanpak van zowel noordelijk en zuidelijk Europa, en Brazilië en de VS. De één koos voor een strenge lockdown, de ander voor loslaten. Dat levert vergelijkingsmateriaal voor analyse op. Maar alles wat je doet om onderlinge contacten te verminderen, zal het getal R naar beneden brengen. Het lijkt er wel op dat enige vorm van lockdown voor een langere periode noodzakelijk is om R onder de 1 te krijgen.

In je onderzoek maak je ook een internationale vergelijking. Welk land heeft het wat jou betreft het beste gedaan?
"Eigenlijk kun je dat nu nog niet zeggen. We zijn wereldwijd nog niet eens op de piek van de pandemie. Per dag komen er meer besmettingen bij dan ooit tevoren. Er spelen veel factoren een rol voor een eerlijke vergelijking, zoals bevolkingsdichtheid, ligging, cultuur, gezondheidssysteem. Nieuw-Zeeland bijvoorbeeld, heeft het goed beheerst. Zij hebben een geïsoleerde ligging, hadden geen wintersport in Italië en geen carnaval, en maar een paar duidelijke haardjes die ze goed hebben kunnen traceren. Toeval speelt in de begin- en eindfase ook een belangrijke rol. Duitsland werd in het begin als voorbeeld geprezen, maar had de uitbraak toevallig eerst in een minder kwetsbare leeftijdsgroep en dus aanvankelijk minder sterfte."

Om door te gaan over Duitsland: nu zijn stukken van het land weer in lockdown vanwege de besmettingen in de slachterijen. Dat was onverwachts. Kan een aanscherping van de lockdown ook plots in Nederland gebeuren?
"Ja. Superverspreiding kan overal plaatsvinden en is bij dit virus een reëel gevaar. Je ziet dat er maar een klein vonkje nodig is om iedereen te infecteren en een nieuwe haard te creëren. Maar hoe en wanneer, niet te voorspellen. Het enige dat je weet is dat de kans toe zal nemen als je weer meer in grote groepen bij elkaar komt.  Dat vindt het virus prettig."

Hoe zit het eigenlijk deze zomer? Moeten we wel op reis wíllen binnen Europa?
"Hoe meer we reizen, hoe meer kans er is op nieuwe besmettingen, want meer mensen gaan elkaar tegenkomen. Maar ik kan niet zeggen: als je naar land X gaat heb je zoveel procent kans om besmet te raken. Je kunt best reizen. Het is ook afhankelijk van hoe jij je eigen verantwoordelijkheid neemt. Je moet weten dat je het niet alleen voor jezelf doet, dat afstand houden, maar met name voor de medemens. Met risicogedrag houd je het virus aan de gang en maak je ook de tracering een stuk moelijker. Als we te veel loslaten komt er gegarandeerd een tweede golf, alleen niemand weet wat ‘te veel’ is. Een half jaar geleden konden we ons een pandemie niet voorstellen. Laten we niet doen alsof er geen tweede golf van het virus komt."

En de vliegtuigen? Zou jij nu vliegen?
"Ik stap niet in een vliegtuig nu, nee. Maar ik probeerde toch al weinig te vliegen. Voor zover ik weet zijn ze goed gefilterd, met HEPA-filters, en dus wordt dezelfde lucht niet rondgepompt. HEPA-filters halen veel deeltjes uit de lucht. Bij Diergeneeskunde wilde ik met Arjan Stegeman een keer zo’n filter, maar dat zou tonnen kosten. Dan moest het halve gebouw gesloopt worden.

"Maar bij vliegen maak je ook een hoop andere contacten die risicovol kunnen zijn, op de luchthaven bijvoorbeeld, daar helpen die filters niet bij. Ook al raak je niet zo makkelijk besmet in het vliegtuig zelf: je vergroot wel de kans op besmettingen elders. Met dat overal continue naartoe vliegen, hebben we een perfect systeem gecreëerd waarbij iets potentieel gevaarlijks snel de hele wereld over gaat. De pandemie is nog overal in de wereld volop aanwezig en de kans dat reizigers het weer naar Nederland halen, neemt toe als je meer gaat vliegen.

Waarom mag vliegen wel weer, maar mogen panden waar enkel lucht direct van buiten gebruikt wordt, nog niet volledig open?
"Daar is geen hard antwoord op te geven. De filters spelen zeker een rol, maar de economische kant misschien ook. Ik vind vliegen niet verstandig maar vooral ook door de kans om besmettingen weer binnen te halen. Kijk maar naar Nieuw-Zeeland en China.

"Het is lastig voor de overheid om dit soort dingen te bepalen, omdat er nog zo weinig bekend is over het virus. Bijvoorbeeld of het virus zich verspreidt op kleine druppeltjes, aerosolen genoemd. Dat zijn de druppeltjes in de lucht waardoor je ruikt of iemand aan de andere kant van een restaurant aan het roken is. We weten al verdomd veel over het virus, gegeven dat het pas zes maanden bekend is. Maar veel elementaire dingen weten we ook nog niet, daar is veel meer tijd voor nodig.

"De expertkennis van de wetenschappers schiet te kort. We weten eigenlijk niet hoe je in deze tijd met pandemieën omgaat. Er spelen lastige vragen waar geen duiding mogelijk is. Maar in de toekomst kun je wel verwachten dat er nog meer virussen van dier naar mens springen en een pandemie kunnen veroorzaken, en we proberen dus om beter voorbereid te zijn. Genoeg te doen, genoeg te doen.

Over deze zomer: ga je nog wel op vakantie?
Hij lacht. "Ja. We gaan in september twee weken naar Toscane. Kennissen hebben daar een huis wat we vaker huren. Maar we gaan met de auto, niet met het vliegtuig."

Prof. dr. ir. Hans Heesterbeek…
Is hoogleraar theoretische epidemiologie
Heeft een wetenschappelijk tijdschrift opgericht genaamd Epidemics
Organiseert tweejaarlijkse congressen, ook genaamd Epidemics
Kreeg voor dit onderzoek vijf ton subsidie
Spreekt sinds maart dagelijks met journalisten en wordt in zijn volkstuin als halve BN’er gezien
Is getrouwd en heeft drie kinderen van 21, 24 en 27, die alle drie in Utrecht studeren of studeerden
Woont in Den Bosch

Facebook Twitter Whatsapp Mail