Femke Halsema tijdens de Vrede van Utrecht-lezing op 11 april. Fotograaf: Anna van Kooij.

Femke Halsema: sociale media veilige schuilplaats voor activisten

Body: 

Gasthoogleraar Femke Halsema spreekt over de rol van sociale media in dictatoriale regimes. En, met flinke tegenzin, ook heel eventjes over de sores bij GroenLinks.

Bevorderen sociale media mensenrechten en democratie? Of is het een middel om het volk juist onder de duim te houden? Gasthoogleraar Femke Halsema deed het afgelopen half jaar onderzoek naar die vraag.

Donderdag 31 mei komt Vrede van Utrecht-gasthoogleraar Femke Halsema tijdens haar oratie met een opvallende observatie. Hoe meer mensen gebruikmaken van sociale media om onbenullige boodschappen en foto’s te posten, hoe beter dat is voor personen die in hun land in opstand komen tegen repressieve regimes.

“De kracht van sociale media is dat mensen verhalen en foto’s over triviale zaken kunnen uitwisselen, bijvoorbeeld over hun lieve kat. In mijn oratie haak ik aan bij die cute cat-theorie van Ethan Zuckerman.

“Juist dat oppervlakkige gebruik door de massa biedt activisten en dissidenten een route om op een veilige manier verzet te plegen. Tussen de schattige kattenfoto’s is het voor activisten makkelijker om ongemerkt met elkaar te communiceren.”

“Wat immers als Flickr geen Flickr hadden geheten, maar Protester, en het was een kanaal voor alleen activisten geweest? Dan zou het voor veel regimes voor de hand liggen om alle gebruikers op te pakken.”

Lezersvragen voor Femke Halsema:

DUB vroeg voor het interview aan lezers om met vragen te komen voor Femke Halsema. “Dat heb ik maar niet geretweet, ik was veel te bang voor een hoos aan vragen over GroenLinks”, grinnikt de ex-partijleider. Goed ingangetje om er toch even te vragen.

Hoe kijkt u naar de gang van zaken bij u partij? “Met zorg en enige gene. Ik hoop dat de lijsttrekkerverkiezing niet ontaardt in een conflict over tekortschietende verantwoordelijkheden en over procedures. Maar over politiek? That’s it.”

In verdere vragen over GroenLinks heeft Halsema geen trek. “Jongens, dit is toch het universiteitsblad?”

De tweets dan maar:

Geen dr wel prof, kan dat wel? (vraag van @DiederickRaven)
“Alleen in deze constructie van het gasthoogleraarschap. Als ik echt een permanente positie aan de universiteit zou willen hebben dan zou ik gewoon moeten promoveren net als ieder ander. Al herinner me ook de Leidse politicoloog Bart Tromp. Die was nooit gepromoveerd en had toch statuur. Maar dat is waarschijnlijk een uitzondering.”

Waarom is valorisatie slecht voor universiteit? (vraag van @ HillsHills)
“Oef, dat zijn van die universitair bureaucratische discussies waar ik graag buiten blijf.”

Wat vindt u ervan dat Rutte niet naar top in Rio gaat? (vraag van @gabevanwijk)
“Slecht, Mark Rutte heeft GroenRechts helaas al lang geleden begraven.”

Er zijn sceptici die absoluut niet geloven in democratiserende rol van sociale media.
“Dat klopt. Sommigen zien sociale media vooral als het ultieme instrument voor staten om burgers te controleren. De Chinese overheid maakt nu gebruik van de zogenoemde four centers, dat zijn mensen die zich voor vier cent per bericht in een internetdiscussie mengen met boodschappen die de staat welgevallig zijn.”

“Maar ik ben niet heel negatief over de rol van sociale media. Recent onderzoek van Freedom House toont bijvoorbeeld aan dat de persvrijheid, de vrijheid van meningsuiting en de emancipatie van vrouwen in het Midden Oosten sterk is verbeterd. Sociale media spelen daar een rol bij, zo stelt Freedom House.”

Maar er is ook kritiek op de vervlakking door sociale media.
“Cultuurcritici vinden dat sociale media de interesse in de wereld verminderen. Mensen worden oppervlakkiger en relaties worden oppervlakkiger, is hun conclusie.”

“Ik ben het ook daar eigenlijk niet zo mee eens. Natuurlijk zijn er voldoende zaken op internet waar je kritiek op kunt hebben. Porno kijken is inderdaad de belangrijkste bezigheid op internet. Aan de andere kant heeft Amerikaans onderzoek aangetoond dat de kennis van de wereld onder Amerikaanse jongeren juist is verbeterd. Die weten nu opeens waar Europa ligt, en dat komt door de contacten via Facebook.”

Is daarmee uw conclusie dat sociale media inderdaad maatschappelijke verandering brengen?
“Als je kijkt naar de revoluties in de Arabische landen dan zie je dat sociale media een grote impact hebben gehad op het verzet tegen de autarkische regimes, niet alleen door het mobiliseren van mensen, maar ook op het smeden van een hecht verzet. Neem Egypte: wat er op sociale media gebeurde, viel in grote mate samen met wat er op de pleinen en in de straten plaatsvond.”

Toch bent u sceptisch over de verdere rol van sociale media. Tijdens de Vrede van Utrecht-lezing zei u The revolution can, but democracy and peace can not be tweeted.
“Klopt. Bij het bouwen aan een stabiele staat zijn sociale media minder constructief. Dat blijkt nu ook in de Arabische landen waar het regime is omgevallen. De emotionele uithaal van verzet moet dan worden omgezet in de rationele bereidheid van compromissen. Dat blijkt heel moeilijk en de betekenis van sociale media neemt dan ook af. Je moet dan je hoop vestigen op de opkomst van een middenveld van politieke en maatschappelijke middenveld. Helaas ontbreekt die traditie in veel landen en wordt dat middenveld bepaald door conservatieve krachten, in Egypte nu bijvoorbeeld door de Moslimbroederschap.”

U bent in uw half jaar als gasthoogleraar voorzichtig geweest met conclusies. Waarom eigenlijk?
“Sociale media zijn natuurlijk nog een erg jong fenomeen. En ook de politieke omwentelingen waarbij sociale media een rol hebben gespeeld zijn nog onbepaald; we weten niet hoe het verder gaat met Syrië, of hoe Libië er over een aantal jaar uitziet. En dan is er ook nog een wereldwijde wedren gaande tussen overheden, bedrijven en burgers over wie het nu eigenlijk voor het zeggen heeft in het vrije domein op internet. De uitkomst daarvan is ook nog onbepaald.”

U zei eerder de keuze voor uw leeropdracht af en toe te betreuren.
“Nou ja, het bleek een enorm ingewikkelde thematiek te zijn. Semi-wetenschappelijke bladen als Foreign Affairs hebben wel wat gepubliceerd over de politieke en sociologische betekenis ervan, maar veel wetenschappelijke literatuur is er niet. Bovendien komt er uit de literatuur nu niet bepaald een eenduidige analyse naar voren. De meningen en opvattingen springen alle kanten op en iedereen is het ook nog eens diep oneens.”

“Daarnaast lopen er veel debatten door elkaar heen. Er is het technologische debat, en ik merk dat ik daar soms de ict-kennis niet voor heb. En er wordt vanuit een politieke invalshoek over gedebatteerd: aan de UvA wordt bijvoorbeeld gepraat over tactical media. Daar kijken ze naar de manier waarop je sociale media tactisch kunt inzetten om maatschappelijke veranderingen te forceren. Wat mij betreft is dat overigens een nichedebat van radicale kunstenaars. Daar is ook een link met de Occupy-beweging.”

“Eigenlijk probeer ik met mijn onderzoek de hele moderne wereld te beschrijven. Een beetje veel voor een aanstelling van een dag in de week, voor slechts een half jaar.”

U bent zelf een zeer actieve Twitteraar (@femkehalsema) met veel volgers. In hoeverre was de keuze voor dit onderzoek bepaald door persoonlijke ervaringen?
“Ik heb de politieke kracht van Twitter leren kennen bij de val van het laatste kabinet-Balkenende. Die was zo’n beetje real time via Twitter te volgen. Kort daarna barstte de Groene Revolutie in Iran los. Achteraf kun je er heel wat op afdingen, maar er leek daar momentum voor sociale verandering te ontstaan dankzij het gebruik van de sociale media.”

“Toen werd Twitter voor mij echt iets meer dan een dorpspomp. Via Twitter kun je dus een jihad ontketenen, maar ook een anti-jihad, dacht ik destijds wellicht ietwat naïef. Zoals gezegd ben ik daar iets genuanceerder over gaan denken.”

Toch moet u soms ook uw bedenkingen hebben met de toon van het debat op internet. Boze witte mannen overal.
“Dat is natuurlijk ook zo. Na Fortuyn zijn we in Nederland de vrijheid van meningsuiting gaan verabsoluteren. Zo van: ik moet kunnen zeggen wat ik denk en daar zit geen rem op.”

“Er is ook een andere vrijheid van meningsuiting. De vrijheid om nieuwsgierig te zijn, om je te verdiepen in en om je te verplaatsen in anderen. Die vrijheden zijn niet zo populair, maar zouden meer ontwikkeld moeten worden.”

Na het gasthoogleraarschap:

"Ik ben druk bezig met de voorbereiding van een documentaireserie over vrouwen in de islam. En ik ben een boek aan het schrijven over een onderwerp dat ik nog lekker even geheim houd."

“Verder ben ik voorzitter van de raad van commissarissen van WPG Uitgevers. En reis ik regelmatig als voorzitter van Stichting Vluchteling.”

“Mensen snappen niet dat schelden, grof taalgebruik en intimideren leidt tot het sleets worden van die vrijheid van meningsuiting. Misbruik van die vrijheid gaat altijd gepaard met de roep om deze te beperken. Je moet daar zorgvuldig mee omgaan.”

“Natuurlijk stemmen die boze geluiden op internet treurig. Aan de andere kant vind ik die democratisering van het politieke domein ook weer interessant. Misschien geeft internet ook een beeld van wie we zijn. De verhoudingen schuren op internet, net zoals de verhoudingen in de wijken van onze steden schuren.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail