Plannen voor beter onderwijs; meer docenten, onderwijsvernieuwing en aandacht voor vaardigheden. Illustratie: DUB

Kwaliteitsafspraken: meer en betere docenten moeten verlies basisbeurs compenseren

Body: 

Het onderwijs van Utrechtse studenten moet de komende jaren verbeteren door extra docenten, nieuwe onderwijsvormen en intensievere begeleiding. Dat is de rode draad in de plannen die de faculteiten hebben ingediend voor de besteding van de 'studievoorschotmiddelen'.

Read in English

Twaalf nieuwe Super Teaching Assistants;  daarmee wil de faculteit Bètawetenschappen de komende jaren de werkdruk binnen de faculteit verlichten. Het gaat om geselecteerde aio’s en postdocs die een verlenging van hun aanstelling krijgen om onderwijs te geven.

Ook andere faculteiten mikken de komende jaren op het uitbreiden van de formatie zodat docenten meer tijd hebben om te 'professionaliseren' en om studenten beter te begeleiden. In grote lijnen moet dat de opbrengst worden van de zogenoemde 'kwaliteitsafspraken' die de UU met het ministerie van Onderwijs wil maken.

Dat blijkt uit de plannen die de faculteiten bij de universiteit hebben ingeleverd voor de besteding van de 'studievoorschotmiddelen'. Daarbij gaat het om extra geld dat universiteiten krijgen uit de opbrengst van het afschaffen van de basisbeurs.

Zo'n 6 miljoen te verdelen
Tussen 2019 en 2024 lopen de bijdragen vanuit Den Haag voor de UU op van 9 miljoen naar 27 miljoen. Per student gaat het om zo’n 300 euro in 2019 en 900 euro in 2024. De universiteit benadrukt dat het om relatief bescheiden bedragen gaat, in de wandelgangen wordt gesproken over "een croissantje per dag". Dit voorjaar besloot de UU mede daarom in de komende twee jaar zelf nog eens 5 miljoen per jaar extra uit te trekken voor het verbeteren van het onderwijs.

Een flink deel van de beschikbare middelen is overigens al uitgegeven. In de afgelopen jaren werden er bijvoorbeeld al zo’n 250 nieuwe docenten aangesteld aan de UU in afwachting van de extra middelen vanuit Den Haag. Studenten die hun basisbeurs kwijtraakten, moesten immers meteen iets merken van de beloofde hogere onderwijskwaliteit.

Onder de streep kunnen de Utrechtse faculteiten in de komende twee jaar samen 6,1 miljoen per jaar uitgeven aan nieuwe plannen. Een half miljoen daarvan is bestemd voor de faculteit Geesteswetenschappen die vanwege de vele kleine studies specifieke problemen heeft. Uit de plannen die uiterlijk deze week moesten worden ingeleverd, blijkt nu dat de faculteiten denken nog iets meer uit te zullen geven (zie tabel).

Uitgaven faculteiten:

 

2019

2020

Geesteswetenschappen

2.000.000

2.000.000

Rebo

875.000

1.025.000

Bèta

1.090.000

1.090.000

FSW

904.589

913.635

Geowetenschappen

636.800

711.440

Diergeneeskunde

265.000

472.000

Geneeskunde

445.000

445.000

UCU

119.000

140.000

Totaal

6.356.389

6.797.075

De ingediende plannen werden opgesteld door faculteitsbesturen en -raden samen. Het universiteitsbestuur wilde graag dat de ideeën zoveel mogelijk vanaf de werkvloer kwamen. Enige voorwaarde daarbij was dat de voorstellen moesten passen binnen een beleidskader dat op centraal niveau was vastgesteld.

Dat betekende concreet dat het geld aan drie zaken besteed mocht worden: intensiever en kleinschalig onderwijs, professionalisering van docenten en begeleiding van studenten. Daarmee verviel bijvoorbeeld een wens die bij veel studenten Sociale Wetenschappen hoog op het prioriteitenlijstje stond. ‘Meer stopcontacten’ paste helaas niet in het universitaire kader.

De meeste faculteiten willen nu dus nieuwe docenten en docent-assistenten aannemen. Hierdoor moeten alle docenten wat meer ruimte krijgen om te werken aan nieuw onderwijs en aan zichzelf. De hoop is dat ze hun didactische vaardigheden gaan uitbreiden en elkaar vaker gaan coachen, bijvoorbeeld tijdens intervisie-sessies.

Daarnaast moeten docenten meer tijd krijgen voor de begeleiding van studenten, onder meer bij afstudeeronderzoeken voor scripties. Verder is er veel aandacht voor de uitbreiding van het vaardighedenonderwijs aan studenten. De faculteiten Diergeneeskunde en Rebo hebben de oprichting van 'skills lab' opgenomen in hun plannen.

Een wens vanuit het universiteitsbestuur was om ook aandacht te besteden aan de toegankelijkheid van de universiteit voor studenten met een beperking en aan gelijke kansen voor alle studenten. Dat aspect komt niet uitbundig aan bod. Bij de faculteit Geneeskunde is er wél aandacht voor. Daar zal de selectieprocedure tegen het licht worden gehouden. De bètafaculteit trekt zelf – buiten de voorschotmiddelen om - extra geld uit voor meer samenwerking met middelbare scholen met ‘een divers profiel’ in het kader van het U-talent-programma.

Alle studenten raadplegen is niet realistisch
Begin dit voorjaar komt onderwijskeurmeester NVAO in Utrecht langs om te beoordelen of de Utrechtse plannen inderdaad tot hogere onderwijskwaliteit kunnen leiden. Goedkeuring van de NVAO is een voorwaarde om daadwerkelijk voor de studievoorschotmiddelen in aanmerking te komen. De NVAO zal ook bezien of Utrechtse studenten en docenten daadwerkelijk invloed hebben gehad op de manier waarop de UU het onderwijs wil gaan verbeteren.

De laatste maanden waren er veel klachten over de hoge tijdsdruk waaronder die inspraak van studenten en docenten tot stand moesten komen. Daarbij leek soms iedereen naar elkaar te wijzen. Faculteitsbesturen kregen het verwijt te afwachtend te zijn geweest. Maar zij stelden dat ze weinig konden doen zolang het universiteitsbestuur niet had besloten hoeveel geld er te verdelen was en wat het beleidskader was. Medezeggenschappers op hun beurt kregen af en toe te horen dat zij zelf in een vroeger stadium en actiever hun achterban hadden kunnen raadplegen.

In een nota schrijft het universiteitsbestuur dat teleurstellingen in de opzet van het proces moeilijk te voorkomen waren. In de praktijk blijkt het vaak "niet realistisch" om álle studenten te betrekken bij de kwaliteit van onderwijs: “Een keerzijde van breed raadplegen is dat het relatief veel tijd vraagt, meer dan beschikbaar, en dat de gewekte verwachtingen niet altijd waargemaakt kunnen worden.”

De instemming van de faculteitsraden op de plannen leverde uiteindelijk nergens veel problemen op. Niet verwonderlijk, gezien het feit dat raadsleden in de meeste gevallen zelf deel uitmaakten van de werkgroepen en commissies die de voorstellen hadden opgesteld. Alleen in de Rebo-faculteit was een afwijkend geluid te horen. De economiestudenten in de raad stemden tegen omdat er geen tijd was geweest om hun onderwijsdirecteuren over de plannen te laten oordelen.

 


De belangrijkste plannen van de faculteiten op een rij:

Faculteit Bètawetenschappen


Innovatie van onderwijs
De faculteit zet in op het ontwerpen van nieuwe cursussen met vernieuwende didactische concepten. Hierdoor moet ook de professionalisering van docenten een impuls krijgen.

Meer ondersteuning
Twaalf geselecteerde aio’s en postdocs krijgen een verlengde aanstelling om onderwijstaken te verrichten als super teaching assistant (STA). Alle departementen wordt gevraagd twee sta’s aan te stellen.

Nieuwe studieadviseurs
De faculteit wil voor 3 fte extra studieadviseurs aanstellen.

Uitbreiding van U-talent: (uit eigen facultaire middelen)
Het samenwerkingsverband tussen UU en regionale scholen U-talent wordt uitgebreid met scholen met een “meer divers profiel”.


Faculteit Sociale Wetenschappen


Extra docenten in opleiding
De faculteit stelt zes extra docenten in opleiding aan voor kleinschaliger en intensiever onderwijs. Zij krijgen een contract van vier jaar met een aanstellingsomvang van 0,7 fte.

Extra teaching assistants
Door ruimte te maken voor 5,2 fte teaching assistants met een aanstellingsomvang van 0,2 fte of 0,3 fte moet meer variatie in werkvormen mogelijk worden.

Meer (tijd voor) Engelse taal- en interculturele trainingen voor docenten
De faculteit wil voor 2,2 fte extra docenten in opleiding aanstellen om alle zittende docenten tijd te geven voor het volgen van trainingen.

Meer (tijd voor en ondersteuning bij digitale) didactische trainingen voor docenten en het opnemen van alle colleges
Door voor 2,2 fte docenten in opleiding aan te nemen moeten alle zittende docenten tijd krijgen voor het volgen van vaardigheidstrainingen. Ook komt er een student-assistent die docenten ondersteunt bij het gebruik van nieuwe ict-toepassingen en het opnemen van colleges.

Meer individuele contacten in het tutoraat
De faculteit investeert in 2,5 fte docenten in opleiding om tutoren in tweede en derde jaar en in master meer tijd te geven voor contact met studenten.

Uitbreiding aanbod bij Career Service
Een student-assistent gaat helpen het aanbod aan vaardigheidstrainingen als presenteren, netwerken en ondernemen uit te breiden.


Faculteit Geowetenschappen


Extra docenturen
Extra docenten worden ingezet op cursussen die verplicht zijn in de geo-programma’s zodat alle studenten profijt hebben. Het gaat om 5 fte voor juniordocenten, 2 fte voor postdocs en 1 fte voor een universitair docent.

Meer ondersteuning
Uitbreiding van het ondersteunend personeel met 1 fte om studenten en docenten te begeleiden op het gebied van professionalisering. Docenten moeten geholpen worden bij hun persoonlijke ontwikkeling en de ontwikkeling van hun onderwijs. Studenten moeten ondersteund worden met een verbeterd tutoraat en mentoraat.

Versterking excursies en trainingen
Studenten geowetenschappen moeten tijdens hun onderwijsprogramma de mogelijkheid hebben om deel te nemen aan arbeidsmarktgerelateerde trainingen en excursies. Hiermee kunnen ze zich voorbereiden op hun latere baan.


Faculteit Geesteswetenschappen


Meer begeleiding masterscripties
Het aantal uur dat een docent mag besteden aan de begeleiding van een masterscriptie wordt verhoogd naar 26 uur. Op dit moment krijgen docenten voor het begeleiden van een éénjarige masterscriptie net zo veel uren als voor het begeleiden van een bachelorscriptie (17,4 uur). Voor de begeleiding van een scriptie van een tweejarige researchmaster krijgt een docent op dit moment 21,7 uur.

Meer tijd voor werkgroepdocenten
De voorbereidingstijd voor het geven van een bachelorwerkgroep wordt verhoogd van 87 uur naar 109 uur. Voor docenten van interdisciplinaire minors en losse cursussen gaat het om een verhoging van 54 naar 65 uur.

Aanstelling extra studieadviseurs
Het aantal studieadviseurs wordt uitgebreid met 2 fte om de wachttijden bij studieadviseurs te verkorten en studenten sneller te helpen.


Faculteit Geneeskunde


Intensiever en kleinschaliger onderwijs
De faculteit wil vakken aanpassen om studenten meer uitdaging en diepgang te bieden.

Professionalisering docenten
Er wordt via drie wegen geïnvesteerd in docenten: door hen meer tijd te geven om zich te professionaliseren op onderwijsgebied, door de ontwikkeling van professionaliseringstrajecten op maat en door het opzetten van onderlinge intervisie, feedback en mentoring.

Inclusieve toegankelijkheid en gelijke kansen
De faculteit geneeskunde wil een ‘betere weerspiegeling van de populatie van de samenleving’ realiseren. Onderzocht wordt hoe de selectieprocedure hieraan kan bijdragen. Ook wordt gedacht aan een meer inclusieve introductie. Betere begeleiding en workshops op het gebied van weerbaarheid en welzijn moeten leiden tot een prettiger studieklimaat.


Faculteit Diergeneeskunde


Investering in e-learning
De faculteit wil inzetten op ontwikkeling van digitale modules in zowel de bachelor als de master. 

Opzetten van skills lab 
Het aanstellen en opleiden van studentassistenten, het aankopen van oefen- en instructiemateriaal en het aanstellen van een extra docent moeten leiden tot een nieuw skills lab waar studenten vaardigheden kunnen oefenen.

Meer docenten voor begeleiding scriptie
Het aantal begeleidingsuren voor de bachelorscriptie gaat van 12 naar 17 uur. 

Extra tijd voor peer coaching
De faculteit gaat investeren in peer coaching. Dat wil zeggen dat jaarlijks 1000 docenturen vrijgemaakt worden om collega’s feedback te geven.

Meer uren voor tutoren
Bij Diergeneeskunde zal ook het tutoraat in zowel de bachelor als de master geïntensiveerd worden. Nieuwe studenten krijgen minimaal vier keer per jaar een gesprek, in plaats van de twee keer die nu gebruikelijk is. Ook wordt de training van tutoren verbeterd.


Faculteit Recht, Economie, Bestuur & Organisatie


Meer docenten voor individuele begeleiding vaardigheden
De faculteit wil studenten in de bachelor meer individueel gaan begeleiden, met name waar het gaat om schrijfvaardigheden of onderhandelingstechnieken. Hiervoor komen er meer docenten. Ook komt er een Legal Skills Academy waar vaardigheden getraind kunnen worden. Om dit op te zetten is een projectleider nodig en is externe hulp nodig bij het opzetten van trainingen.

Meer docenten voor begeleiding afstuderen
De economen willen de taakverdeling van docenten anders inrichten (teachingloadmodel) zodat er meer ruimte komt voor de begeleiding van de masterscriptie en voor kleinere groepen in de afstudeerfase van de bachelor.

Uitbreiding takenpakket tutoren
Er wordt bij de Bestuurs- en Organisatiewetenschappers geld vrijgemaakt om tutoren een grotere rol te geven in het coachen van studenten.

Aankoop van simulaties voor onderwijs
Bij Bestuurs- en Organisatiewetenschap worden onderwijssimulaties aangekocht die ingezet kunnen worden om vaardigheden van docenten te trainen.

Facultair innovatiefonds
Voor alle opleidingen komt er een facultair innovatiefonds waarop individuele docenten en teams een beroep kunnen doen als ze een relevant innovatieproject willen starten.


University College Utrecht


Meer onderzoekstijd voor docenten
Het UCU verhoogt de onderzoekstijd van docenten van 10 naar 15 procent in 2019 tot 20 procent vanaf 2020. Uitgangspunt daarbij is dat de kwaliteit van het onderwijs verbetert als docenten kunnen verwijzen naar hun onderzoek. Ook moet de maatregel het UCU aantrekkelijker maken voor voor goede docenten/onderzoekers.

Meer geld voor beurzen
Studenten moeten bij het UCU meer collegegeld betalen. Om de studenteninstroom divers te houden heeft UCU een beurzenprogramma. In het verleden is hierop gekort. Die korting wordt nu ongedaan gemaakt.

Vernieuwing van het curriculum
Het semestersysteem van het UCU met twee keer 15 weken wordt als zwaar ervaren. In een nieuw curriculum zou ook in de zomer- en winter studiepunten gehaald kunnen worden. Ook moet er structureel meer onderwijs komen op het gebied van maatschappelijke relevantie en diversiteit.

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail