Stickers in UU-huisstijl maken duidelijk welke veilig gedrag er van medewerkers verwacht wordt. Hier Vening Meineszgebouw B.Foto’s: Onno Tijsma, medewerker van het FSC

Labs weer open: kleinere bezetting en eenrichtingsverkeer in de gang

Body: 

De meeste onderzoekers van de Utrechtse faculteit Bètawetenschappen hadden er weken naar uit gekeken. Maandag was het zover: ze konden eindelijk hun labs weer in. Niet allemaal tegelijk én onder strikte veiligheidscondities.

Read in English

“Ik was er zelf eventjes vanmorgen om als welkom wat koekjes neer te zetten, en ik moest lachen om de overdaad aan grote gele stickers.” Bioloog en voorzitter van de faculteitsraad Mike Boxem toont zich maandag tevreden over de aanpassingen die er in het Kruytgebouw zijn aangebracht om het werken in de labs weer mogelijk maken.

Handen schoonmaken bij de desinfectiepaal, inschrijven bij de receptie, stylus-pen met rubberen dopje pakken om liften en koffieautomaten te bedienen en vervolgens via de met stickers aangegeven éénrichtingsroute naar je werkplek lopen. Het is voorlopig even het nieuwe normaal voor Utrechtse onderzoekers en labmedewerkers.

Plannen opstellen
Afgelopen maandag werden de labs in zeven gebouwen van de bètafaculteit weer opengesteld, dinsdag en woensdag volgen de onderzoeksfaciliteiten van Diergeneeskunde en Geowetenschappen. De experimenteel onderzoekers zijn de eerste UU-medewerkers die weer in de universiteitsgebouwen terecht kunnen. Hopelijk volgt het practicumonderwijs op korte termijn. Andere studenten en medewerkers zullen nog even geduld moeten hebben.

Bij Bètawetenschappen konden vrijwel alle groepen die afhankelijk zijn van labvoorzieningen maandag weer aan de slag. Maar onder strikte voorwaarden. Alle gebouwen mogen steeds maar voor 30 procent bezet zijn. Daarom moesten de groepen plannen opstellen voor een nieuwe werkwijze waarbij lang niet alle medewerkers tegelijkertijd aan het werk kunnen. Die voorstellen moesten vervolgens door het faculteitsbestuur worden goedgekeurd.

Koffieautomaten
Aan de openstelling van de gebouwen gingen de afgelopen weken grondige voorbereidingen vooraf, zegt Eddie Verzendaal, directeur van het Facilitair Service Centrum. Daarbij ging het niet alleen om het veilig in werking stellen van de labapparatuur en het opschalen van de schoonmaak, van de bezetting van recepties en van het gebruik van de koffieautomaten. De gebouwen moesten ook voldoen aan de criteria die Verzendaal met de universitaire werkgroep ‘Bedrijfsvoering’ had vastgesteld.


Deze werkgroep, waarvan hij voorzitter is, onderzoekt wat een anderhalvemetersamenleving gaat betekenen voor de universiteit en stelde onder meer het maximum van 30 procent bezetting van de werkplekken in een gebouw vast. Ook kwam er een checklist voor elk gebouw. “Daarin staat onder meer dat we medewerkers die aankomen of vertrekken buiten het gebouw spreiden, dat we binnen elk gebouw éénrichtingsverkeer inrichten, dat per ruimte een maximum aantal aanwezigen wordt vastgesteld en dat medewerkers geen werkplekken of computers delen.”

Urinoirs
Verzendaal voelde de druk vanuit de onderzoekers om de labgebouwen weer open te stellen de afgelopen weken groeien. Er kwamen ook steeds meer geluiden dat andere universiteiten ruimhartiger waren en onderzoekers meer mogelijkheden boden. “Wij hebben onze verantwoordelijkheid genomen door de labs te sluiten”, stelt de FSC-directeur. “Maar ik ben blij dat we nu gefaseerd en gecontroleerd alles weer veilig in gebruik kunnen nemen.”

Voorlopig zijn de gebouwen opengesteld van half negen tot half vijf. De bedoeling is dat er alleen werkzaamheden worden uitgevoerd waarvoor de labfaciliteiten noodzakelijk zijn. Wie zijn resultaten wil uitwerken, moet dat thuis  doen.

Desalniettemin hebben onderzoekgroepen nu al laten weten dat ze dat ze de dagelijkse openstelling te kort vinden, zeker nu er soms in roosters gewerkt moet worden. “We gaan kijken of we dat kunnen verlengen, maar een belangrijk obstakel is dat er op elk moment voldoende medewerkers met BHV- (bedrijfshulpverlenings) taken aanwezig moeten zijn. Dat is behoorlijk lastig voor elkaar te krijgen.”

Gezond verstand
Eind vorige week werden in alle gebouwen informatieborden neergezet. Ook werden stickers aangebracht om de looproutes en de maximale capaciteit per ruimte aan te geven, maar bijvoorbeeld ook om duidelijk te maken waar medewerkers zich in en voor de lift moeten opstellen en welk urinoir wel en welk niet gebruikt mag worden.

Arbo- en milieucoördinator van de faculteit Bètawetenschappen Joris Baijens nam maandagochtend persoonlijk poolshoogte in het Kruytgebouw. Hij heeft de indruk dat daar alles goed verliep. Over de dag verspreid schreven zich 130 bètamedewerkers in bij de receptie. Bij een topbezetting in normale tijden werken er maximaal 800 mensen tegelijkertijd in het gebouw.

“Het was zeker niet zo dat mensen voor de deur stonden te wachten om naar binnen te stormen. In het gebouw was het vrij rustig. De meeste medewerkers waren bezig met het opstarten van hun onderzoek. Om ervoor te zorgen dat ze voldoen aan de eis van anderhalve meter moeten ze in sommige gevallen hun labs opnieuw inrichten. Het is natuurlijk ook nog een wat vreemde week, donderdag en vrijdag zijn de gebouwen vanwege Hemelvaart weer gesloten.”

Over de stickers en de verdere aanwijzingen lijken de meeste Kruytbewoners tevreden, aldus Baijens. In het ruim opgezette Kruytgebouw, met twee gangen per vleugel, is de voorgeschreven looproute geen heel groot probleem. “Een enkeling zegt het vervelend te vinden dat hij nu vanwege het éénrichtingsverkeer in de gangen een blokje om moeten lopen naar de koffieautomaat terwijl het gebouw vrij leeg is. Maar wij gaan natuurlijk niet controleren of iedereen goed door de gebouwen loopt. Het belangrijkste is dat je je gezond verstand gebruikt, zeggen we dan.” 

Hondsblij
Hoogleraar Catalysts and Energy Materials Petra de Jongh kan op de vierde verdieping van het De Wiedgebouw weer zes van meer dan twintig labs in gebruik nemen. De overige labs blijven dicht vanwege de renovatie van het gebouw die al voor de coronacrisis was begonnen.

Deze week treft een kernteam van technici en enkele stafleden en promovendi samen met gebouwbeheer voorbereidingen om de labs vanaf volgende week maandag weer te openen voor de promovendi en postdocs. De Jongh. “Dan is je ondersteunend personeel goud waard.”

Zelf is ze al op enkele rare verrassingen gestuit. “De koffieautomaten hier hebben bijvoorbeeld een touchscreen dat op warmte reageert en dat je dus moet aanraken. Dan werkt zo’n rubberen pen niet. Mensen proberen hier met hun elleboog een espresso te bestellen.”

Koffie bestellen 'nieuwe stijl' in het De Wiedgebouw. Promovendus Luc Smulders doet een poging. Foto via Petra de Jongh

Meer dan vijftig van de ongeveer honderd jonge onderzoekers in de groep Anorganische Chemie en Katalyse hebben aangegeven de komende weken een dagdeel te willen worden ingeroosterd om labwerk te doen. “Dat vond ik verrassend veel, gezien het beperkte aantal labs dat beschikbaar is. We moeten gaan kijken of we alle wensen kunnen inwilligen.”

De Jongh is “hondsblij” dat haar groep weer aan de slag kan. De weken waarin de labs gesloten waren en bijvoorbeeld ook externe opdrachtgevers niet van dienst konden zijn, hebben volgens haar tot veel schade geleid. Zij merkte bovendien dat er in de buitenwereld weinig begrip was voor het feit dat de UU alle labs op slot hield.

Maar de hoogleraar ziet dat er nog een lange weg te gaan is. “In het De Wied-gebouw zitten de labs normaal al overvol. Als we nu langere tijd met een bezetting van maximaal 30 procent mogen werken, dan wordt het een grote puzzel. Niet alleen voor het onderzoek, maar ook voor de masterstudenten en bachelorstudenten die we hier opleiden.”

Fysiek bezig zijn
Bioloog Mike Boxem constateerde dat het in het Kruytgebouw nog niet heel druk was. “We werken met een online kalender om ons aan de maximale aantallen te houden, maar ik denk dat we nog niet aan het toegestane maximum zaten.” Van andere groepen hoorde hij dat daar toch meer medewerkers aan de slag hadden willen gaan dan is toegestaan.

Boxem is in ieder geval blij dat de labs weer open zijn. Hij deelt het gevoel van een collega die opmerkte dat het fijn was om ook weer ‘fysiek’ bezig te zijn. “Maar ik mis het contact met de groep wel erg, live meetings zitten er voorlopig nog niet in.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail