Jesse en Vincent Oberdorf gaan reizend door Afrika langs 15 ontwikkelingsprojecten.

Rechtenstudent UU biedt Afrikaanse hulpprojecten helpende hand

Body: 

Een simpel idee voor een backpackersreis groeide in nog geen jaar uit tot een stichting die ontwikkelingswerk ondersteunt. De Utrechtse student Jesse en zijn tweelingbroer Vincent vertrekken in februari naar Afrika.

Een simpel idee voor een backpackersreis groeide in nog geen jaar uit tot een stichting die ontwikkelingswerk ondersteunt. De Utrechtse student Jesse en zijn tweelingbroer Vincent vertrekken in februari naar Afrika.

De wens: een reis van noord naar zuid over een door studenten minder platgetreden continent. Zo kwamen UU-rechtenstudent Jesse en zijn tweelingbroer Vincent Oberdorf (21) afgelopen zomer op het idee om vijf maanden te gaan trekken door Afrika.

Kennis van Afrika hadden de twee niet echt, noch kenden ze mensen in hun omgeving die ‘iets’ met het continent hadden. “We wilden meer van de gebaande paden afwijken. Afrika leek ons veel onbekender dan bijvoorbeeld Australië of Zuid-Amerika.”

17.000 kilometer door Afrika
Besloten werd om in vijf maanden van Egypte via Kaapstad in Zuid-Afrika naar Namibië te trekken. Een reis van 17.000 kilometer. Toen ze hun plan aan vrienden en familie bekendmaakten, moesten ze zich wel steeds verantwoorden. ‘Waarom Afrika? Het is arm, er heerst ebola, de terreurorganisatie Boko Haram houdt er huis en er zijn vele oorlogen.’

“Wij moesten elke keer uitleggen dat Afrika een groot continent is, dat wij niet eens in de buurt van de westkust komen waar ebola is, dat niet alles en iedereen in oorlog is en dat er ook mooie verhalen over Afrika zijn. Want daar waren we wel achter gekomen toen we ons aan het inlezen waren.”

Vijftien projecten die op de steun van de tweeling kunnen rekenen
De tweeling bedacht dat het misschien leuk was om al hun ontdekkingen over Afrika te delen via een website. En van het één kwam het ander. “Naarmate we ons meer gingen verdiepen in onze reis, kwamen we ook bijzondere ontwikkelingsprojecten tegen. Projecten die we op de één of andere manier graag willen steunen.”

Uiteindelijk kozen de twee vijftien projecten uit waar ze hun steun aan hebben geven. Om daarvoor geld in te zamelen richtten ze de stichting In2Afrika op, waarvoor ze ook het stempel Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) kregen. Door dit laatste wordt helder dat gedoneerd geld niet in de reis van het tweetal gaat zitten, maar echt naar Afrika gaat. 

De Hollandse voetbalschool
Maar niet alle projecten hebben geld nodig, ontdekten Jesse en Vincent toen ze contact zochten met de instellingen die het ontwikkelingswerk doen. Jesse noemt de voetbalacademie Arusha Future Stars Academy in Tanzania. “Zij zoeken bijvoorbeeld ondersteuning voor het opleiden van trainers. Wij hebben toen een amateurclub in Limburg gevraagd of die met de voetbalacademie wil gaan samenwerken. En dat doen ze nu. Als wij daar zijn gaan we onder meer een training geven over de Hollandse School.”

En zo gaan ze in Afrika langs alle vijftien projecten: van afvalverzamelaars in Oeganda tot een vergroeningsproject in Kenia. “Bij elk project gaan we ter plekke kijken wat er nodig is. Pas als we weer terug zijn van de reis, verdelen we het geld dat we hebben ingezameld, want dan weten we pas wat elk project het beste kan gebruiken.” Van elk bezoek komt een verslag op hun site en facebookpagina.

Blijdschap en enthousiasme
Ze kijken erg uit naar het moment dat ze voet in Afrika zetten en de mensen ontmoeten met wie ze de afgelopen maanden intensief contact hebben gehad via de mail. Extra nieuwsgierig zijn ze naar de Ubuntu-Academy, een buitenschoolse opleiding voor kunst, ondernemerschap en leiderschap in Zuid-Afrika die kinderen uit de Townships onder hun hoede neemt.

“De blijdschap en het enthousiasme waarmee Ubuntu op onze plannen reageert, maakt wel dat we daar heel erg naar uitkijken. Ubuntu krijgt van ons de middelen die zij nodig hebben voor een soort van terugkomweekend, in de vakantie, wanneer hun reguliere programma voorbij is. Dit geeft Ubuntu de kans om de kinderen ook in de vakantie te monitoren, te kijken of het goed met ze gaat.”

Eerst reizen dan scriptie schrijven
Jesse die in het laatste jaar van zijn rechtenbachelor zit, heeft vorige week zijn laatste tentamen van zijn minor Internationale Betrekkingen gehad. Zijn kamer is schoon en het laatste visum is geregeld. “Ik wilde dit jaar op reis omdat ik nog even goed wil nadenken over welke master ik wil gaan volgen. Als ik terugkom, schrijf ik mijn scriptie en ben ik klaar met mijn bachelor. Vincent heeft de bachelor Bestuurskunde in Tilburg al afgerond en wil na de reis aan een master beginnen.”

Op 1 februari kun je het tweetal met de duim omhoog langs een oprit vinden, dan begint de reis. Ze liften naar Turkije en vandaaruit vliegen ze naar Alexandrië in Egypte. Hun moeder zal in de zenuwen zitten de komende maanden, zeker na het recente verhaal van drie studenten die uit een natuurgebied in Turkije gered moesten worden, maar volgens Jesse kan ze gerust zijn. “We hebben ons goed voorbereid. We reizen om de conflicthaarden heen en hebben alle nummers van alle ambassades bij ons. Bovendien zijn we niet zulke daredevils. Er kan natuurlijk altijd iets gebeuren, maar met wat boerenverstand moeten we toch een heel eind kunnen komen.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail