Historica Martine Veldhuizen twitterde deze foto: "Today me and my colleague Mark Verneer made ultra modern lightboard video's to visualise early modern handwriting for our literature, law and history students."

UU-docenten gaan online: ‘Instagram? Dat had ik helemaal niet’

Body: 

Alle Utrechtse docenten moeten uiterlijk vandaag hun studenten verteld hebben hoe het verder moet met hun onderwijs in dit blok. De coronacrisis zorgt ervoor dat docenten hun colleges en werkgroepen online moeten gaan aanbieden. DUB belde deze week met drie docenten die voor deze grote opgave staan. Welke oplossingen hebben zij gevonden?

Read in English

‘Alles lijkt goed te gaan, maar natuurlijk ben ik ook wel wat bezorgd’

Carlijn van den Boomen is één van de docenten van het statistiekvak Advance Research Methods and Statistics (ARMS) voor tweede en derdejaars Psychologie. Haar onderdeel dat normaliter bestaat uit hoorcolleges in het Educatorium en computerpractica en praktijktoetsen in het Ruppertgebouw begon juist deze week. Nu gaat ze haar 170 studenten opnamen van hoorcolleges aanbieden en communiceren via Instagram en Microsoft Teams.

“Toen afgelopen donderdag het nieuws naar buiten kwam dat de universiteiten allemaal online moesten, zat ik net in de laatste dagen van mijn vakantie. Ik ben meteen gaan nadenken hoe dit kon worden opgelost. Wat betreft de hoorcolleges was het gemakkelijk, die had ik vorige keer gelukkig al opgenomen, de practica waren een groter probleem.

“Op aanraden van iemand op Twitter heb ik toen op Blackboard aan studenten gevraagd hoe zij het liefst onderwijs zouden krijgen. Ik denk dat het goed is om in deze situatie als docent niet alleen te zenden, maar studenten er ook echt bij te betrekken. Als reactie kreeg ik terug dat studenten graag Instagram zouden gebruiken. Dat had ik helemaal niet, maar ik heb het toen snel geïnstalleerd en uitgeprobeerd.

“Waarschijnlijk ga ik nu een combinatie gebruiken van Instagram en Microsoft Teams. Daar gaan we vandaag (dinsdag red.) een beslissing over nemen. Het mooie is dat studenten door het online werken straks ook kunnen zien welke feedback andere studenten van mij krijgen of elkaar feedback kunnen geven. Dat kon in de computerzaal niet.

“Tot nu toe lijkt alles goed te gaan. Met ondersteuning van Educate-it willen we twee programma’s die we voorheen alleen in de collegezaal konden gebruiken nu tijdelijk in de cloud, in MyWorkplace, zetten. En we gaan de praktijktoetsen nu via blackboard en MyWorkplace doen. Het is geweldig hoe collegadocenten en ict-ondersteuners met deze situatie omgaan. Iedereen probeert elkaar te helpen.

“Maar natuurlijk ben ik ook wel wat bezorgd. Wat als er straks veel dingen misgaan? Daarom gaan we de eerste bijeenkomst woensdag maar net doen alsof het een echte practicumtoets betreft. Dan kunnen studenten meteen aangeven of ze tegen problemen oplopen. We willen niet dat op een later moment pas problemen aan het licht komen.”


‘Practica kun je niet vervangen door online onderwijs’

Stephan Jonker is practicumdocent bij de opleiding Scheikunde. Door het besluit om te stoppen met al het fysieke universitaire onderwijs komt hij in de problemen met twee vakken. Maar als studenten in labonderwijs ergens iets van leren dan is het wel van dingen die fout gaan. Als docent probeert hij zo ook te kijken naar de uitdaging die hij zelf voorgeschoteld krijgt.

“Het eerstejaars vak analytische chemie was gelukkig al bijna klaar. Studenten hadden de meeste vaardigheidsopdrachten achter de rug. Er moest alleen nog een opdracht worden gedaan, een soort project. Daarvoor gaan we op zoek naar een vervangende papieren opdracht. In de tussentijd kunnen studenten werken aan een opdracht wetenschapsfilosofie die we naar voren hebben geschoven. Een probleem is nog wel de toets. Die is altijd op papier, ook omdat studenten dingen moeten tekenen. De universiteit wil graag dat we de toetsen nog voor het eind van het blok doen. Ik moet nog uitzoeken of deze ook digitaal kan, op een manier waarbij studenten elkaar niet kunnen helpen door te appen of chatten.

“Lastiger is een tweedejaars vak Anorganische Chemie waarbij het practicumdeel nog zo’n beetje moest beginnen. Dat is niet te vervangen door online onderwijs. We moeten kijken of dat onderwijs geheel of gedeeltelijk naar blok 4 kan, maar dan hebben veel studenten al andere verplichtingen. Het is ook maar helemaal de vraag of studenten dan wel naar de universiteit mogen komen. Of we moeten gaan overwegen om van het cijfer voor het theoretische deel het eindcijfer te maken. Daar zijn we gewoon nog niet uit. Aan de studenten hebben we laten weten dat wij wachten op instructies van de universiteit over wat mogelijk en wenselijk is en dat er tot die tijd geen mededelingen over worden gedaan.

“Met mijn collega’s heb ik bovendien de verantwoordelijkheid voor de apparatuur in het lab. Dat is ook een prioriteit. Veel apparatuur is 24/7 actief en die hebben we de afgelopen dagen uitgezet. Daarnaast is er ook een NMR-apparaat dat 24/7 in bedrijf moet blijven en wekelijks bijgevuld moet worden met vloeibaar stikstof en over twee weken met vloeibaar helium. Dat nu ook twee analisten ziek zijn maakt het allemaal niet gemakkelijk.

“Ik houd me altijd maar vast aan de gedachte dat we onze studenten ook leren om te gaan met problemen door ze juist met problemen te confronteren. In het practicumonderwijs is het niet erg als dingen in de soep lopen. Zo leer je wetenschappelijk onderzoek te doen. Nu moet ik zelf op zoek naar oplossingen. Maar de opgave had wat minder extreem gemogen.”


‘Zet een koptelefoon op, blur je achtergrond en doe je telefoon uit’

Sanne Frequin is deze week verantwoordelijk voor een werkgroep in de interdisciplinaire cursus voor studenten (kunst)geschiedenis en literatuurwetenschap Court & City. De bedoeling was om studenten tijdens een bijeenkomst aan de Drift te leren hoe ze een goed paper kunnen schrijven. Dat gaat nu online gebeuren.

“Zodra donderdag bleek dat ik mijn werkgroep niet kon geven op de manier zoals ik gewend was, ben ik op Twitter gaan rondneuzen naar tips en ervaringen. In het verleden heb ik bij de UvA al veel gedaan met ict en onderwijs, dus ik ben er best handig in. Ik leer ook veel van mijn echtgenoot, die met zijn Amerikaanse werkgever vooral online communiceert. Tegelijkertijd zit mijn zesjarige hier met zijn online rekenprogramma voor zich.

“Ik heb nu bedacht dat ik voor de discussie gebruik ga maken van Microsoft Teams. Dat kende ik niet, dus dat ben ik nu aan het uitvogelen. De studenten hebben inmiddels al instructies ontvangen: gebruik een koptelefoon, blur je achtergrond, zet je telefoon uit. Dat soort dingen. Daarnaast gebruik ik na een tip van een collega ook het programma Mentimeter, waarmee je studenten bijvoorbeeld ook kunt laten stemmen.

“Het wordt allemaal ondersteund door onze ict-medewerkers. Die verzetten echt bergen in deze tijd. Dat mag ook wel eens gezegd worden. Vanmiddag (dinsdag red.) doen we een proef en dan kunnen we hopelijk echt los.

“Voor de internationale studenten die ook aan deze cursus deelnemen, is dit natuurlijk ook een uitkomst. Sommige zijn natuurlijk al naar huis gegaan. We moeten even kijken hoe dat loopt. Iedereen doet zijn uiterste best om er iets van te maken. De twee collega’s die de laatste twee werkgroepen geven, schuiven woensdag aan. Dan kunnen ze zien of het werkt en hoeven ze niet zelf het wiel uit te vinden.

“Een geluk bij een ongeluk is dat onze studenten hun toets halverwege het blok al hebben gehad. Dat is een slimme zet geweest, hallelujah. De studenten hoeven nu alleen nog een paper te schrijven.”

Lees ook ons interview met Mabelle Hernández, programmamanager van Educate-it. Met dat programma voor onderwijsinnovatie werden de afgelopen dagen meer dan tweehonderd UU-docenten geholpen. 
Facebook Twitter Whatsapp Mail