Inhoud bachelor bepalend voor masterfase

Body: 
Elke student moet straks van universiteiten degarantie krijgen dat hij na drie jaar toegelaten wordt tot demasterfase. Maar studenten hebben geen vrije keuze: er zijn nueenmaal masterstudies die een bepaalde vooropleidingvergen.

Dat stelt de commissie-Rinnooy Kan voor in een nog vertrouwelijkadvies aan minister Hermans over de invoering van hetAngelsaksische onderwijsmodel. In dat model volgen studenten eersteen brede bachelorstudie van drie jaar, gevolgd door een masterfasedie meer verdieping biedt.

Hermans had om het advies gevraagd, omdat het Nederlandse modelmoet sporen met het buitenland. Diploma's moeten straksinternationaal goed vergelijkbaar zijn, zodat de uitwisseling vanstudenten makkelijker verloopt.

De minister zit in zijn maag met de overgang van de bachelor-naar de masterfase. Die overgang mag geen automatisme zijn, vindthij. Anderzijds wil Hermans universitaire studenten niet al na driejaar uitsluiten van vervolgonderwijs.

Dit dilemma heeft Rinnooy Kan opgelost. De commissie wil dat deinhoud van de bachelorstudie bepalend is voor het type master datstudenten later kunnen volgen. In het voortgezet onderwijs gaat hetook zo. Daar moeten scholieren die later bijvoorbeeld eentechnische studie willen volgen het 'profiel' natuur en techniekkiezen. Bachelors mogen dus wel doorstuderen, maar hebben eenbeperkte keuze. Al in hun bachelorfase moeten ze een bepaald'profiel' kiezen.

Universiteiten moeten aangeven aan welke eisen bachelors moetenvoldoen om tot een bepaalde master toegelaten te kunnen worden.'Voorts dient elk bachelordiploma dat de universiteit uitreikt eenmogelijkheid op vervolgstudie te garanderen', schrijft de commissiein het concept-advies. Universiteiten hebben daartoe een 'serieuzezorgplicht'.

In het hbo ligt de situatie anders, omdat de bachelorgraad daarna vier jaar studie een einddiploma is. De commissie doet desuggestie dat hogescholen met universiteiten afspraken kunnen makenover een doorstroom van hbo-bachelors.

Verder vindt de commissie het billijk dat ook hogescholenmasterstudies aanbieden, die de titel 'professional master'opleveren. Maar anders dan universiteiten, krijgen ze daar geengeld voor van de minister. Dat is een streep door de rekening vanhogescholen, die al lange tijd de vurige wens koesteren dat zijdezelfde status krijgen als universiteiten.

Rinnooy Kan doet geen uitspraken over de lengte vanuniversitaire masterstudies. Tussen de regels staat wel dat mastersmet een zware wetenschappelijke inhoud eigenlijk twee jaar moetenduren. Voor meer beroepsgerichte masters zou één jaarvoldoende zijn.

HOP, Matthé ten Wolde