Niemand blij met wetsvoorstel sterker onderwijsbestuur

Body: 

Het wetsvoorstel waarmee minister Bussemaker bestuurlijke problemen in het onderwijs te lijf wil, krijgt geen warm onthaal. Studenten en docenten vinden het “een gemiste kans”, terwijl bestuurders bang zijn voor chaos. 

Studenten en docenten moeten veel te zeggen hebben over het onderwijs en over belangrijke keuzes die het bestuur maakt, zei voorzitter Karl Dittrich van universiteitenvereniging VSNU vanmiddag in de Tweede Kamer. “Maar we moeten oppassen dat we niet doorschieten van een systeem van besturen naar een systeem van controleren”, zei hij.

Het wetsvoorstel waarmee minister Bussemaker bestuurlijke problemen in het onderwijs te lijf wil, krijgt geen warm onthaal. Studenten en docenten vinden het “een gemiste kans”, terwijl bestuurders bang zijn voor chaos. 

Studenten en docenten moeten veel te zeggen hebben over het onderwijs en over belangrijke keuzes die het bestuur maakt, zei voorzitter Karl Dittrich van universiteitenvereniging VSNU vanmiddag in de Tweede Kamer. “Maar we moeten oppassen dat we niet doorschieten van een systeem van besturen naar een systeem van controleren”, zei hij.

De Tweede Kamer besprak vandaag met belanghebbenden uit het onderwijs het wetsvoorstel ‘versterking bestuurskracht’ van minister Bussemaker van Onderwijs. Het geeft de medezeggenschap een aantal extra rechten en het verplicht raden van toezicht om de onderwijsinspectie te waarschuwen als ze ernstige problemen vermoeden.

Het wetsvoorstel is een reactie op het debacle bij mbo-instelling Amarantis, die in 2012 failliet ging door wanbestuur. De inspectie had al jarenlang signalen dat het daar verkeerd ging, maar kon het faillissement niet voorkomen.

Eigenlijk bleek niemand écht blij met het wetsvoorstel. Studentenorganisaties en de vakbond noemen het “een gemiste kans”,  terwijl bestuurders bang zijn dat er allerlei bevoegdheden en verantwoordelijkheden door elkaar gaan lopen.

Koudwatervrees, volgens D66-Kamerlid Paul van Meenen. “Probeert u zich nou eens voor te stellen dat u eenzelfde verhaal zou vertellen over de relatie tussen het parlement en de regering”, zei hij over Dittrichs bezwaren tegen meer macht voor de medezeggenschap.

“Een universiteit is geen democratie”, repliceerde Dittrich. “Het is een taakorganisatie van mensen die samen tot zo goed mogelijk onderwijs en onderzoek proberen te komen. Mijn stelling is wel dat de verantwoordelijkheid daarvoor zo diep mogelijk in de instelling hoort te liggen, dus op opleidingsniveau.”

Ook Dittrich is, net als studenten, docenten en verschillende fracties, teleurgesteld dat de opleidingscommissies in het wetsvoorstel niet meer macht krijgen. Een meerderheid van de Tweede Kamer steunde eerder een motie van die strekking, en minister Bussemaker van Onderwijs liet voor de zomer al doorschemeren dat ze dat in haar wetsvoorstel best wil aanpassen.

Paul Rüpp, bestuurder van de Vereniging Hogescholen en bestuursvoorzitter van Avans Hogescholen, waarschuwde voor onverwachte effecten als de overheid de relatie tussen medezeggenschap en bestuur tot achter de komma vastlegt. “Het zou best eens kunnen dat de medezeggenschap dan uiteindelijk minder invloed krijgt.”

In het wetsvoorstel staat bijvoorbeeld dat studenten en docenten moeten instemmen met de benoeming van bestuurders. “In de praktijk wordt de profielschets vaak al voorgelegd aan de medezeggenschap, en leden maken deel uit van de sollicitatiecommissie. Als de mr straks moet instemmen met een benoeming, verdwijnt dat. Want dan krijgt de mr een aparte, formele status in het proces.”

Er werd verder bezwaar gemaakt tegen de meldplicht voor raden van toezicht. Die moeten straks de onderwijsinspectie waarschuwen als ze ernstige problemen vermoeden. “Zeer onverstandig”, zei toezichthouder Henk Breukink van Hogeschool InHolland. “Als de inspectie meer informatie wil opvragen, dan kan dat al. Nu ga je intern gedoe op het bordje leggen van de inspectie.”

Ook de Raad van State had eerder forse kritiek op dit onderdeel van het wetsvoorstel. Die is bang dat de meldplicht er toe zou kunnen leiden dat bestuurders informatie weghouden van hun toezichthouders. 

Facebook Twitter Whatsapp Mail